Home » Kunst & Cultuur » Gezondheid & Voeding

Categorie: Gezondheid & Voeding

Lekker en gezond eten en leven, ook daar schrijven we graag over.

Foto van de inhoud van een Magic Box, met o.a. Gehakt, honing en cashewnoten

Wat zit er in jouw Magic Box?

Geschatte leestijd: 3 minuten

Ik ben allergisch voor voedselverspilling. Echt, anders dan dat kan ik het niet omschrijven. Het doet me bijna fysiek pijn als ik zie dat mensen voedsel dat nog prima eetbaar is zonder er verder bij stil te staan wegkeilen. Ook voedsel dat de houdbaarheidsdatum is gepasseerd terwijl dit voorkomen had kunnen worden verdient mijn medelijden. Hoe overdreven dit ook mag klinken, ik kan er echt niet tegen en doe mijn uiterste best om dit zelf te voorkomen. Met deze eigenaardige info over mijn persoon in je achterhoofd kun je je vast en zeker voorstellen hoe positief verrast ik was toen ik een paar jaar geleden de app Too Good To Go ontdekte, die voedselverspilling wil tegengaan. De app creëert eigenlijk een win-winsituatie: door een zogenaamde Magic Box te reserveren kun je een grote hoeveelheid levensmiddelen voor weinig geld kopen. Maar, eet of drink dat wat je krijgt wel snel op, want de producten staan op het punt hun datum des oordeels te overschrijden.

De Magic Box

Dit is hoe het in zijn werk gaat. Too Good To Go is een initiatief waar restaurants, supermarkten en andere verkopers van etenswaren vrijwillig aan kunnen deelnemen. Doormiddel van hun app kun je als consument zien welke winkels er in jouw buurt meedoen. Via zoekfilters kun je zoeken op het soort voedsel en zie je makkelijk de adressen waar nog iets te halen valt. Meestal ’s avonds maken de deelnemende winkels bekend hoe veel Magic Boxen er zijn. In mijn ervaring zijn dit er meestal niet al te veel, twee, drie, en natuurlijk komt het ook wel eens voor dat ze niets over hebben. Daarom moet je er vaak wel snel bij zijn. Je kunt een Magic Box reserveren en die de volgende dag op het aangegeven tijdstip ophalen. De app geeft je een code die je in de winkel kunt laten scannen, waarna je het eten meekrijgt.

Een Magic Box kost bij de meeste supermarkten maar een paar euro. Bij wat luxere restaurants zijn ze vaak wat duurder, maar ik heb ze nooit duurder dan vijftien euro gezien. Wat je voor dit geld krijgt is een complete verrassing. Natuurlijk, bij een sushirestaurant kun je sushi en bij een bakker kun je brood verwachten, maar de exacte inhoud van een Magic Box weet je nooit van te voren. Bij supermarkten is dit dus echt een grote verrassing. De hoeveelheid voedsel die je krijgt verschilt ook per keer. Om het idee van goed bezig zijn voor het milieu nog verder door te voeren wordt je altijd gevraagd zelf tassen mee te nemen om de verkregen levensmiddelen in mee te nemen.

Eigen ervaring

Zelf heb ik al enkele malen de Magic Box gekocht. Hoewel de inhoud ervan per dag en winkel verschilt en dit dus ook tegen kan vallen, heb ik er eigenlijk hele goede ervaring mee. Mijn Bakker Bart box zat vol kraakverse broden en kaasstengels. Het jammere van deze verse producten is dat ze snel oud worden. Hetzelfde geldt voor zuivel uit de supermarkt. Je krijgt zuivel dat tegen de houdbaarheidsdatum aan zit en dus moet het snel op. Ik had een keer in mijn Magic Box twee pakken yoghurt, weliswaar van elkaar verschillend, maar toch moest het allebei snel op. Daarom is een tip die ik zou willen meegeven om de Magic Box onder meerdere personen of huishoudens te verdelen als je hem koopt.

Toegankelijkheid van de app

Too Good To Go is op zich prima te gebruiken voor mensen met een visuele beperking. Je moet er echter wel handigheid in krijgen. In het begin kan de overload aan informatie verwarrend zijn, maar uiteindelijk ga je er een patroon in zien en wordt het overzichtelijker, althans dat is mijn ervaring. De app heeft geen ondrukbare knoppen voor gebruikers van spraak en het meeste is ook goed gelabeld, dus dat zit wel snor. De app heeft een witte achtergrond en een goed leesbaar lettertype. Dus, als je eenmaal door hebt hoe Too Good To Go vor jou het best werkt, zal niets je er meer van weerhouden om te streven voor een betere wereld en voedselverspilling te bestrijden.

Download Too Good To Go hier voor iOS of hier voor Android

GIF non-visueel koken

Tips en trucs voor non-visueel koken

Geschatte leestijd: 17 minuten

Voor veel mensen met een visuele beperking, en helemaal als je (zoals ik) volledig blind bent, kan koken erg moeilijk zijn. Ik ben nu sinds een half jaar actief bezig om non-visueel te leren koken. Hiermee hoop ik dat ik een stuk zelfredzamer kan worden en dat ik ook eens kan zeggen: “mama, ik kook vanavond.” Ik heb de vaardigheden die ik nu al beheers niet geleerd bij begeleid wonen of iets soortgelijks, maar gewoon thuis van mijn moeder. Zij kent me natuurlijk het best en weet hoe ze me dingen moet aanleren. Vaak komt ze ook met handige en soms verrassende tips waar andere mensen niet zo gauw aan zouden denken. Zelf heb ik ook enige handigheidjes ontdekt die sommige dingen die erg lastig lijken toch een stuk makkelijker kunnen maken.

Kook- en baktips

Ik heb hieronder een aantal tips en handige hulpmiddelen voor in de keuken op een rijtje gezet. Hopelijk worden het er meer als ik beter met potten en pannen leer werken. Ik zal het allemaal zo goed mogelijk proberen uit te leggen, maar soms zal het misschien een beetje omslachtig klinken. De tips zijn vanuit mijn oogpunt, dus zicht speelt hier eigenlijk geen rol. Alvast heel veel lees en daarna kookplezier.

Appels schillen

Voor het schillen van appels heb ik een heel eenvoudig trucje ontdekt. Schil eerst met je dunschiller een strook van boven naar beneden over de appel. Ga dan vanuit het midden van de vrijgemaakte strook rondom de hele appel. Doe dit ook aan de boven en onderkant. Zo heb je in vier halen het grootste gedeelte van de schil verwijdert en hoef je alleen nog maar de kleine overgebleven stukjes weg te schillen.

Het eigeel van het eiwit scheiden

Er bestaat een speciaal apparaatje waarmee je eieren kunt scheiden. Er zijn ook mensen die het doen met twee lepels, maar ik heb een heel eenvoudig trucje dat zeker geschikt is om te gebruiken als je het niet ziet. Waarschuwing, je moet er wel vieze handen voor over hebben. Sla het ei in het midden kapot boven een kommetje, zodat er een barst in komt. Laat het rauwe ei op je ene hand lopen. Houd dan je vingers een klein stukje van elkaar. Je zult nu merken dat het eiwit tussen je vingers uitdruipt en uiteindelijk hou je alleen het eigeel nog in je hand. Hoe makkelijk is dat.

Gehaktballen toevoegen aan je soeppan

Zorg eerst dat je een warmte vaste klem of zelfs een nat washandje aan de handgrepen van je pan hebt hangen. Zo heb je een oriëntatiepunt waaraan je kan zien waar je pan is. Zet het bord met gehaktballen zo dicht mogelijk naast het fornuis neer en vul dan een diepe soeplepel met de gehaktballen. Breng dan, met je oriëntatiepunt en je soeplepel als taststok, de lepel boven je soeppan en laat hem dan zakken totdat je voelt dat hij onder water is. Draai de lepel dan horizontaal met de open kant naar je toe en keer hem dan voorzichtig om. Je voelt het als de gehaktballen eruit zijn gevallen. Nu kun je een volgende lading in de soep laten zakken. Laat alleen wel eerst je lepel afdruipen boven de pan alvorens je hem weer naar het bord verplaatst.

Beschuit smeren

Beschuit smeren is in mijn ervaring soms erg lastig, omdat het oppervlak waar je op moet smeren hard is. Dit is wederom een handigheidje waarvoor je een beetje vieze handen moet overhebben, maar het is wel makkelijk. Leg in het midden van je beschuitje een klontje boter. Smeer het met een mes een beetje uit zodat het op één punt tot de rand komt. Leg dan de wijsvinger van je niet-dominante hand op het beschuitje en laat je vingertop het klontje boter in het midden raken. Draai met je andere hand het beschuitje zodat je de boter over het hele oppervlak kunt verdelen. Je voelt het als ergens te veel of te weinig boter zit. Op deze manier krijg je natuurlijk wel een vieze hand, maar ook een perfect gesmeerd beschuitje. Dit trucje kun je trouwens ook gebruiken voor ander smeerbaar broodbeleg zoals chocolade pasta of jam. Ook kun je dit trucje gebruiken om brood te smeren, al vind ik dat persoonlijk makkelijker met een mes. Een cracker is denk ik het lastigst om te smeren, omdat dat meestal een rechthoek is en je niet zoals bij een beschuitje rond kunt gaan.

Een deegbodem verdelen in een bakvorm

Je leest wel eens in een recept dat wanneer je bijvoorbeeld een zanddeegbodem in een bakvormmoet maken, je de deegbal tot een passende plak moet uitrollen en die dan in de vorm moet leggen. Of er staat bijvoorbeeld: Druk het deeg plat met de bolle kant van een lepel. Er zijn een aantal redenen waarom ik deze manier niet erg handig vind voor mensen met een visuele beperking. Ten eerste, je kan niet zien hoe groot je deegplak moet zijn. Ten tweede, blijft er vaak deeg aan je deegroller plakken of is je plak niet overal dezelfde dikte. En ten derde, als je de plak moet optillen om hem in je vorm te leggen, scheurt hij negen van de tien keer. Ook met een lepel vind ik het niet handig werken, omdat je geen controle hebt over wat je doet en als je een kruimelbodem maakt druk je vaak met de lepel de bodem kapot. Ik heb een veel handiger trucje. Het vergt misschien wat meer werk, maar dan heb je ook een mooie bodem. Neem hiervoor de deegbal in je hand en duw hem plat, maar niet zo plat dat hij kan scheuren. Maak er een soort platte burger van. Leg hem in het midden van je vorm en begin hem dan verder plat te duwen. Het is het handigst als je eerst net zoals bij het beschuit smeren, een punt op de rand van je vorm opzoekt. Als je dat punt hebt gevonden heb je een soort lijn waarna je de rest van het deeg kan gaan uitduwen. Als je ergens niet helemaal tot de rand komt, voel je de bodem af naar een plek waar hij dikker is dan op andere plaatsen. Als je die plek hebt gevonden, zetje de onderkant van je hand net achter dat gedeelte en maak je een soort loop beweging met je hand. Het is een beetje moeilijk uit te leggen zo, maar als je er eenmaal de handigheid in krijgt snap je wel wat ik bedoel. Zo loop je eigenlijk met het teveel aan deeg naar de plek toe waar het nodig is en kun je hem opvullen. Als je denkt dat je het deeg goed verdeeld hebt, kun je met je vinger langs de rand gaan om te kijken of het deeg overal tot aan de rand komt. Dan leg je je hand plat in de vorm en zo kun je voelen of er nog grove ongelijkheden zitten en kun je deze uit het deeg halen en glad strijken. Dit werkt ook goed met een kruimelbodem, al moet je daar iets voorzichtiger zijn zodat de bodem niet kapot gaat. Je kunt ook om taart of zanddeeg gladder te maken het bestrijken met een beetje ei, water of melk. Dan strijk je de overgebleven oneffenheden makkelijk glad. Zo glad als wanneer je het met een deegroller uitrolt krijg je het nooit, maar je hebt nu wel een mooie gelijke bodem die precies in je vorm past.

Groente, fruit etc. in blokjes snijden

Als je groente, fruit of ander voedsel in blokjes wilt snijden, heb ik daar een heel makkelijk trucje voor. Hierbij geldt wel dat je het eerst even in je vingers moet krijgen, maar als je het eenmaal weet snijd je als een chef-kok. Als voorbeeld neem ik even een appel. Als je het klokhuis hebt verwijderd, snijd je de appel eerst in reepjes met de dikte van de blokjes die je daarna wilt snijden. Leg een reepje verticaal op de snijplank. Plaats je wijs en middelvinger op het reepje appel en je duim tegen het uiteinde dat het dichtst bij je ligt. Je kan nu het mes op het reepje zetten en met je duim ongeveer voelen hoe groot je het blokje maakt. Snij het reepje dan door op de plek die je hebt gekozen en schuif vervolgens het afgesneden gedeelte met je duim opzij. Je wijs en middelvinger zorgen ervoor dat het overgebleven reepje op zijn plaats blijft liggen. Als je het afgesneden blokje hebt weggeschoven, plaats je je duim opnieuw tegen het uiteinde en herhaal je het proces. Ik garandeer je, als je dit trucje eenmaal kent heb je binnen no time je appel of wat je dan ook wilt snijden in blokjes gehakt.

Zaadlijsten verwijderen uit een paprika

Voor het verwijderen van de zaadlijsten uit een paprika bestaat een heel makkelijk trucje. Allereerst zal ik even uitleggen, voor de mensen die het niet weten hoe een paprika er van binnen uitziet. Een paprika is hol van binnen. De zaadlijsten zitten vast aan het steeltje dat je aan de buitenkant voelt. Ze hangen dus als het ware los in de paprika. Als je nu de paprika net naast het steeltje doormidden snijdt, heb je twee holle helften en in de ene helft hangen de zaadlijsten. Als je je vinger nu achter de zaadlijsten haakt, kun je alle zaadjes met steeltje en al er in één keer uitwippen. Voor het beste resultaat moet je de paprika nog wel even afspoelen om alle zaadjes eruit te krijgen, want die dingen blijven nog wel eens plakken. Dan zitten er nog witte gedeeltes in de paprika die niet zo lekker zijn om te eten. Deze kan je herkennen omdat ze zachter aanvoelen dan de rest van de paprika. Je kunt ze er met een mes uithalen, maar je kan ook met je mes een klein beginnetje maken en de rest van het witte daarna met beleid lostrekken.

Cake uit de bakvorm halen

Als je een cake hebt gebakken, gebeurt het nog wel eens dat wanneer je de vorm omkeert, de cake er niet vanzelf uitvalt. Je moet dan eerst de zijkanten van de cake lossteken met een mes. Om te voorkomen dat je in je cake snijdt, moet je goed opletten, zeker als je het niet goed ziet. Steek eerst je mes tussen de zijkant van je cake en de bakvorm. Houd je mes nu een beetje schuin, zodat de snijkant van je mes wat meer tegen de binnenkant van de bakvorm aandrukt. Maak vervolgens snijbewegingen, ga op en neer met je mes, terwijl je de kant waarmee je snijdt steeds stevig tegen de bakvorm drukt. Op deze manier snij je nooit in je cake. Doe dit bij alle kanten van de bakvorm. Wedden dat je cake er dan zo uit valt? Je kan dit trucje natuurlijk ook gebruiken bij een taart die nog in de bakvorm zit en het is ook zeker aan te raden eerst de kanten los te steken, als je te maken hebt met een springvorm.

Extra tip: Vet altijd je bakblik goed in voordat je er iets in gaat bakken.

Bakpapier

Voor veel mensen met een visuele beperking zal het recht afknippen van bakpapier een moeilijke opgave zijn. Hier volgen enkele tips om ervoor te zorgen dat ook jij je bakplaat of bakvorm goed met bakpapier kan bedekken. Ten eerste is het goed om te weten dat het niet zo handig is om een rol bakpapier te kopen. Ik bedoel een rol aan één stuk. Er zijn ook rollen bakpapier te koop die al in stukken geknipt zijn, net zoals een rol vuilniszakken bijvoorbeeld. Je trekt er gewoon een vel af en je hoeft je geen zorgen meer te maken over scheef afgeknipte vellen.

Als je wel een rol bakpapier aan één stuk gebruikt is het handig om op het stuk dat je wilt afknippen iets zwaars neer te zetten, zodat het recht blijft liggen en niet verschuift, bijvoorbeeld een pak bloem of een snijplank. Houd dan met je ene hand de rol vast en schuif de schaar aan de ene kant tussen het bakpapier op het punt waar je het wilt afknippen. Houd de rol goed vast en knip langs de rol, zodat je zo recht mogelijk knipt. Het is niet ideaal, maar wel een goede manier om bakpapier zo recht mogelijk af te knippen. Je kan dit trucje ook gebruiken bij bijvoorbeeld cadeaupapier.

De bakplaat

Als je een bakplaat wil bekleden met bakpapier, leg je eerst het afgeknipte stuk of een vel bakpapier op de plaat en zet er dan weer wat zwaars op. Meestal is je stuk papier te groot voor de bakplaat, je moet het dus gaan bijknippen. Leg de linker zijkant van het papier zo dat het precies in de linker boven hoek van je bakplaat ligt. Houd het zo vast met het zware voorwerp. Vouw nu de rechter zijkant naar binnen. Dit kan je heel recht doen omdat je langs de rand van je bakplaat kan vouwen. Maak een scherpe vouw die goed voelbaar is. Nu kan je het papier langs de vouwlijn afknippen en past het precies op de plaat. Doe hetzelfde met het uitstekende stuk papier aan de onderkant van de plaat.

Bakpapier in een springvorm

een springvorm bekleden met bakpapier is super makkelijk. Als je dit handigheidje nog niet kent, sla je je waarschijnlijk voor je hoofd omdat je er zelf niet op gekomen bent. Maak de rand van de springvorm los van de bodem. Leg nu een vel bakpapier over de bodem van de vorm en let goed op of deze helemaal bedekt is. Zorg dat er geen kreukels in zitten en dat het bakpapier aan alle kanten uitsteekt. Plaats nu de rand van de springvorm weer op de bodem en maak hem vast. Zo is je bodem netjes bedekt met bakpapier en hoef je alleen nog maar het overtollige papier aan de buitenkant weg te knippen.

Vlees bakken

Je hebt misschien wel eens gehoord dat als je een klontje boter smelt op hoog vuur en het sissen wordt minder, dat dan je boter goed genoeg is verwarmd om te gebruiken. Ook een bekende truc is om als je olie verwarmd, een kleine druppel water in je pan te laten vallen. Als de olie dan begint te sissen is hij goed. Allemaal leuk en aardig, maar hoe weet je wanneer je je vlees moet omdraaien of wanneer je vlees gaar is? Nou, volgens mij heb ik nu een handigheidje gevonden dat sommigen waarschijnlijk wel zullen kennen, maar desalniettemin erg handig is. Als je vlees wokt, bijvoorbeeld varkenshaas, verwarm je eerst de wok olie. Als je dan het vlees in de pan doet begint het heftig de sissen. Nu ga je het vlees omscheppen, zodat het aan alle kanten gebakken wordt. Als het sissen steeds minder wordt en uiteindelijk bijna is gestopt, is je vlees gaar. Dit geldt ook als je je vlees in boter bakt, bijvoorbeeld shoarma, of gehakt dat je rul wilt bakken enzovoort. Ook kun je dit handigheidje gebruiken als je vlees aan één stuk bakt, bijvoorbeeld een kipfilet of een hamburger. Als het sissen minder wordt is die kant van je vlees dichtgeschroeid en kun je hem dus omdraaien.

Groente of vlees toevoegen aan een hete pan met boter of olie

Je kent ze misschien wel, snijplanken die je aan de zijkanten omhoog kan klappen zodat je je groenten of vlees makkelijk in de pan kan schuiven. Klinkt makkelijk, maar hierbij heb je twee handen nodig en dat is niet makkelijk voor mensen met weinig zicht, omdat je je dan niet goed kunt oriënteren waar je pan is. Althans dat is mijn ervaring. Ik heb een betere manier geleerd.

Foto van een Griekse schotel
Een Griekse schotel met patat, kip en groenten

Gebruik ten eerste als je stukjes groente en/of vlees wil wokken altijd een wok-hapjespan. Die hebben een hoge rand zodat je de inhoud minder snel over de rand kunt scheppen. Zorg er ook weer voor dat het bord of de schaal met ingrediënten vlakbij het fornuis staat. Als je nu de boter of olie goed hebt verwarmd, zet je het vuur laag. Dat geeft je meer tijd om je ingrediënten in de pan te doen. En nu komt het, gebruik een draadspaan. Dit lijkt een beetje op een ronde lepel met een lange steel, alleen is de binnenkant van de lepel een soort ijzeren netje. Het wordt ook wel gebruikt om oliebollen uit het vet te scheppen, omdat het overtollige vet er door dat netje makkelijk afdruipt. Als je dus het vuur laag hebt gezet, vul je de draadspaan met de groente of wat je dan ook aan je pan wilt toevoegen. Houd met je ene hand de steel van je pan vast en voel met de draadspaan waar de pan is. Als je de draadspaan in je pan zet gaat de boter of de olie sissen omdat een gedeelte van de ingrediënten al contact maakt. Je weet nu dat je goed zit en je kunt nu de draadspaan omdraaien. Laat deze nu eerst uitdruipen en sla voor alle zekerheid met de zijkant van de steel tegen de rand van de pan. Nu kan je een volgende lading opscheppen. Omdat je met één hand het eten in de draadspaan moet leggen, is het ook handig als je naast het fornuis een nat doekje neerlegt, zodat je je handen zo nu en dan kunt afvegen. Let er trouwens bij het omscheppen ook op dat je groente of vlees niet allemaal aan één kant van de pan belandt. Ga hiervoor af en toe met je omscheplepel langs de rand van de pan om te controleren of er nergens iets overheen dreigt te vallen.

Thee inschenken

Je hebt vast weleens gehoord van zo’n apparaatje dat je in een glas kunt hangen en dat gaat piepen als het glas vol is. In mijn ervaring zijn die dingen niet echt handig. Bij koude dranken hou ik meestal gewoon een vingertop in het glas en voel wanneer het vol genoeg is. Thee is natuurlijk een ander verhaal. Niemand houdt voor de lol zijn vinger in kokend water. Toch kan je zonder zo’n apparaatje makkelijk thee inschenken als je goed oplet. Gebruik als eerste een theekan of waterkoker met een voelbaar randje onderaan de schenktuit. Ook is het handig om vlak naast een wasbak in te schenken. Als je knoeit heb je namelijk koud water dichtbij en je kunt de waterkoker of theepot, die meestal hoger zijn dan een kopje in de wasbak laten zakken, zodat ze op gelijke hoogte zijn. Zo hoef je de theepot niet gelijk schuin te houden en is de kans op knoeien verminderd. Dit kan natuurlijk ook met een melkpak of bijvoorbeeld een fles frisdrank. Houd dan met je ene hand het kopje vast en ga met de kan op en neer over de rand van het kopje, totdat je het randje onderaan de schenktuit voelt. Zo heb je een steunpunten loop je niet het gevaar dat je kokend water over je hand laat lopen, omdat de bovenkant van de tuit gegarandeerd boven het kopje zit. Nu kun je gaan gieten. Doe dit voorzichtig en niet te snel. Voel af en toe aan de buitenkant van het kopje. Je voelt dat een gedeelte van de buitenkant warm wordt en de rest niet. Zo kan je voelen tot waar het glas vol is. Dit is niet heel erg precies, omdat op een gegeven moment toch het hele kopje warm wordt, maar als je hier handigheid in krijgt kun je zonder moeite en zonder extra hulpmiddelen thee inschenken.

Enkele handige hulpmiddelen

Hieronder heb ik nog een paar keuken-hulpmiddelen die voor mij handig zijn gebleken op een rijtje gezet. Ik geef bij elk hulpmiddel een korte uitleg. Hopelijk werken ze ook voor jou.

Panvergiet

Hiermee bedoel ik een vergiet dat je in je pan kunt zetten, voordat je aardappelen of groente gaat koken. Als je dan wilt afgieten zet je gewoon de pan in de wasbak en tilt het vergiet eruit. Voor mij in ieder geval een stuk minder gedoe en het is nagenoeg onmogelijk dat je heet water over je heen krijgt.

Kookverklikker

Een kookverklikker is een schijfje met een dikke rand dat je in de pan legt als je gaat koken. Als het water kookt gaat hij klepperen. Sommige mensen gebruiken hiervoor ook wel een schoteltje. Het kan ook zijn dat je dit hulpmiddel kent onder de naam melkwacht.

Brede spatel voor het omdraaien van pannenkoeken

Pannenkoeken omdraaien blijft een kunst op zich en helemaal als je het niet ziet. Hoewel ik er nog niet zo handig in ben heb ik wel een makkelijk hulpmiddel gevonden, een soort spatel met een breed, plat vlak, die je makkelijk onder je pannenkoek kunt schuiven. Zo ligt een groot deel van je pannenkoek al op de spatel en wordt het omdraaien makkelijker. Ook vouw je je pannenkoek nu minder snel dubbel. Of het ook voor gebakken eieren werkt moet ik nog uitproberen.

Klemlepel voor het omdraaien van vlees

Klemlepels zijn eigenlijk twee spatels die met de uiteinden aan elkaar vastzitten en met een scharnier uit elkaar en tegen elkaar aan kunnen worden geklapt. Je schuift dus de ene spatel onder het stuk vlees en klemt het vast met de andere spatel. Zo kun je het makkelijk omdraaien en is er eigenlijk geen kans dat het vlees van de spatel glijdt.

Maatschepjes

Maatschepjes vind ik erg handig in gebruik, gewoon omdat ze een opstaande rand hebben en de kruiden, bakpoeder of wat dan ook er niet afglijdt zoals bij een thee of eetlepel.

Antispatdeksel voor op een beslagkom

Het is je vast weleens gebeurd dat als je cakebeslag of slagroom aan het mixen bent, het beslag over de rand van de kom spat of de bloem begint de stuiven. Speciaal om dit tegen te gaan, bestaan er beslagkommen met zogenaamde antispatdeksels. Dit is een deksel die je op de beslagkom vastklikt. In het midden zit een gat waar je de mixer doorheen in de kom kunt zetten. Zo is het spatten met beslag tot een minimum beperkt of je moet wel heel erg wild mixen.

Nicer Dicer plus

Dit is een apparaat dat heel erg handig is om grote hoeveelheden groente te snijden. Het is een rechthoekige bak waar een speciaal soort deksel op zit. Als je het deksel openklapt, zit er een soort houder in waar je een roostertje in kunt vastklikken. Er zitten verschillende roostertjes bij, bijvoorbeeld voor het snijden van reepjes of plakjes, grote en kleine blokjes of partjes (bijvoorbeeld voor eieren.) Je legt gewoon een stuk groente op het roostertje en slaat het deksel dicht. Je slaat als het ware het stuk groente door het roostertje en voilà, het is gesneden. Zeker voor het snijden van ui of prei is dit hulpmiddel heel erg handig. Het is alleen wel een heel werk om dit apparaat weer schoon te krijgen, omdat er altijd wel wat tussen het roostertje of aan het deksel blijft hangen. Ik gebruik hem dan ook eigenlijk alleen als we gaan gourmetten, of als we stoofpot maken waar veel uien in moeten.

Voor het snijden van ui en prei heb ik trouwens nog een andere tip. Er bestaat een mesje waarbij aan het handvat vijf mesjes op een rijtje vastzitten. Zo kun je in één keer vijf plakjes ui of prei snijden. Het is nog altijd een gedoe met die losse ringen, maar het is toch wel makkelijker.

Tot slot

Ik hoop dat ik jullie heb kunnen helpen met deze kooktips. Ik vond het erg leuk om ze te schrijven en een manier te zoeken om ze zo duidelijk mogelijk uit te leggen. Mocht er iets nog niet helemaal duidelijk zijn, dan kun je me altijd vragen stellen. Dit kan via: redactie@eyeopeners.space, Facebook of Twitter. Als ik meer handigheidjes heb geleerd, schrijf ik er zeker weer een blog over. Tot dan alvast veel plezier met het uitproberen van deze trucjes en vooral eet smakelijk!

Dit artikel werd geschreven door Danique

Hoe ik de gevulde pastasalade tonijn ontdekte

Geschatte leestijd: 2 minuten

Koken is iets dat ik erg leuk vind om te doen. Momenteel volg ik een leer-woontraject met als doel zelfstandig te kunnen wonen, waarbij ik me de nodige huishoudelijke taken eigen maak. Koken valt daar ook onder. Iedere twee weken kook ik, met een begeleider in de buurt om mogelijke keukenrampen te voorkomen, een door mij zelf uitgekozen recept, net zo lang totdat ik het bereiden van een bepaalde maaltijd volledig beheers. Wanneer dat het geval is is het aan mij om een nieuw recept te kiezen. Ik kies het liefst voor gezonde maaltijden, vegetarisch of met vis. Google is daarbij mijn beste vriend, al heb ik ook wel eens een recept uit een braillekookboek geplukt. Via het internet stuitte ik op een heerlijke pastasalade, die ik afgelopen zomer geregeld heb gemaakt.

Het recept voor de pastasalade

Ik heb het recept via de website van Allerhande. Hier en daar heb ik het wat aangepast aan mijn persoonlijke voorkeuren. De aangegeven hoeveelheden zijn voor vier personen.

Ingrediënten

  • 200 g fusilli
  • 2 middelgrote eieren
  • 1 komkommer
  • 1 rode ui
  • een blikje tonijn op waterbasis
  • Lekker wat zongedroogde tomaten
  • 240 g zwarte olijven in plakjes
  • 2 el kappertjes
  • 1 jazz-appel
  • 2 el yoghurt met mayonaise

Bereidingswijze

Het maken van deze salade spreekt eigenlijk voor zich. Snijd de ui, appel, komkommer en zongedroogde tomaten in kleine stukjes. Kook intussen de pasta en de eieren, zodat deze niet te warm de salade in gaan. Kook de pasta ca. acht minuten tot deze gaar is en de eieren ca. vijf minuten. Doe de gesneden groenten en de appel in een kom en gooi daar de kappertjes, olijven en tonijn bij. Pel en halveer de gekookte eieren en doe ze bij de vulling. Giet de pasta af en doe deze terug in de pan. Schep de vulling er vervolgens goed doorheen en maak het af met de yoghurt-mayonaisedressing. Kruid het geheel eventueel met wat verse peterselie.

En daar is hij dan, een smaakvolle, gezonde pastasalade, klaar om geserveerd en gegeten te worden.

Ouderschap met een visuele beperking

Slechtziend en mama? Ja, dat kan!

Geschatte leestijd: 2 minuten

Even voorstellen, Ik ben Yvonne, 32 jaar, ik ben getrouwd met Nick en wij zijn de trotse ouders van Roan. Ik heb de oogziekte Retinitis Pigmentosa. Hierdoor zie ik met rechts alleen licht en donker. Met links zie ik nog vijf procent in een koker van vijf graden, ik kijk als het ware door een rietje. Daarnaast ben ik nachtblind en heb ik snel last van fel licht. Nick en Roan zien gewoon goed. Ik ben gevraagd om een blog te schrijven over het ouderschap met een visuele beperking. Er bestaan namelijk heel veel misverstanden en vooroordelen over.

Kinderwens

Nick en ik waren het snel eens, wij wilden heel graag een kindje. Gelukkig was de kans dat Roan RP zou krijgen zeer klein, dus toen ik een positieve zwangerschapstest in mijn handen had waren we dolblij.

Vooroordelen

Tijdens de zwangerschap kreeg ik er al mee te maken, mensen die het niet vonden kunnen dat ik een kind zou krijgen. Ik zou niet voor hem kunnen zorgen, het zal wel een ongelukje zijn, je man moet straks alles doen. Dit zijn maar een paar voorbeelden van wat ik heb gehoord. Het ergste vond ik dat iemand zei dat het jammer was dat ik al zo lang zwanger was, want dan kon ik het niet meer laten weghalen.

Roan

Foto van Yvonne met Roan

Op 15 november 2018 na een zwangerschap van 38 weken werd, met een hele snelle bevalling Roan geboren. Hij is perfect, maar dat vind elke ouder van zijn kind. Inmiddels is Roan 21 maanden oud. Hij is een vrolijke, ondernemende dreumes en soms wat eigenwijs, wat hij uiteraard van Nick heeft. Tot nu toe vind ik het super leuk om mama te zijn. Natuurlijk heb ik wel wat uitdagingen gehad, maar daar heb ik steeds een oplossing voor gevonden. Ik kan gewoon volledig voor hem zorgen.

Tips

Tot nu toe heb ik overal een oplossing voor gevonden. Zo neem ik Roan mee in de draagzak of voor kortere stukjes krijgt hij zijn knuffeltuigje om, zodat hij zelf kan lopen. Zorg ervoor dat je een paar mensen in je omgeving hebt waar je op terug kan vallen. Trek je niet teveel aan van wat mensen zeggen. Er is een Facebook groep voor slechtziende en blinde ouders: VIP ouders

Mijn belevenissen volgen?

Wil je mijn belevenissen als slechtziende mama volgen? Je kunt mij op Facebook en Instagram vinden als Mijn Blinde Leven.

Dit artikel werd geschreven door Yvonne Bleijenberg – Stip

Flexitariër - foto van een bord met groenten

De week van een flexitariër

Geschatte leestijd: 4 minuten

Als ik mensen vertel over mijn eetgewoonte, krijg ik vaak de meest bizarre, beledigende termen naar mijn hoofd geslingerd. De mooiste, meest terugkerende zijn: fakitariër, vage terriër, gelegenheidsvegetariër, nep vegetariër en parttime vegetariër. Ik moet toegeven dat ik die laatste niet eens zo slecht vind en deze zelf ook regelmatig bezig. De officiële term is echter: flexitariër. Ik leg jullie met plezier uit wat dit begrip inhoudt en wat me hiertoe gedreven heeft. Als je dit artikel hebt gelezen, mag je wat mij betreft naar hartenlust de naam eraan geven die je erbij vindt passen.

Wat houdt flexitariër zijn in?

Het woord zegt het eigenlijk al, je eet minder vlees en gaat bewust om met je vleesconsumptie, maar hier ben je wel flexibel in. Het staat je als flexitariër dus vrij om zelf ‘regels’ op te stellen omtrent je vleesconsumptie. Hierbij geldt wel dat je minstens één dag per week vegetarisch eet, een vegadag of vleesloze dag zoals ik deze noem, voor je jezelf flexitariër kunt noemen. De regels die ik voor mezelf heb gesteld zijn: ik eet drie dagen per week vegetarisch. Strikt genomen twee dagen vegetarisch en één dag pescotarisch, dan mag ik van mezelf wel vis eten. Ik hoop dit later, als ik volledig op mezelf woon en iedere dag zelf bepaal wat ik eet, uit te breiden naar vier dagen vegetarisch en één dag pescotarisch.

Verschillende termen

Als ik het met mensen heb over bewust vlees eten en de diëten die daarbij horen, worden sommige termen weleens door elkaar gebruikt. Daarom hier een kort lijstje met de juiste termen bij de juiste betekenis:

  • Vegetariër: iemand die geen vlees of vis eet;
  • Veganist: iemand die helemaal geen dierlijke producten eet of drinkt, dus ook geen kaas, eieren of melk;
  • Flexitariër: wat ik dus ben, iemand die bewust minder vlees eet;
  • Pescotariër: iemand die geen vlees eet, maar wel vis.

Bij alle eetgewoonten heb je natuurlijk verschillende gradaties. Er zijn vegetariërs die ook dierlijke vetten mijden en geen vleesvervangers willen eten die bereid zijn in dezelfde pan als echt vlees, en vegetariërs die daar minder moeilijk over doen. Flexitariërs kunnen ook veganistische dagen hebben… tja, het is natuurlijk een vrij land, dus hoe je het voor jezelf invult is aan jou.

Waarom zou je jezelf dit aandoen?

Een vraag die ik van menig vleesverslinder voor mijn kiezen krijg. De meest voor de hand liggende reden, dat het vreselijk is voor de ontelbare dieren die jaarlijks worden geslacht voor ons genot, speelt zeker een rol. Maar voor mij is de voornaamste reden, waardoor ik heb besloten te minderen met vlees, toch omdat het beter is voor je gezondheid om af en toe een dagje geen vlees te eten. Ik ken genoeg mensen die hier geen (gehakt)bal van geloven, of liever gezegd dit niet willen geloven. Mensen die denken dat ze een dag zonder vlees nauwelijks zullen overleven. Ik zuig dit echter niet uit mijn duim, lees dit artikel maar eens over de gevolgen voor je lichaam als je stopt met vlees eten. Daarnaast is minder vlees eten ook goed voor het klimaat, minder CO2-uitstoot door de bio-industrie. Helaas is mijn ervaring dat lang niet iedereen dat iets uitmaakt. Verbeter de wereld, begin bij jezelf gaat niet voor hen op. Waarom zou je een wereld willen verbeteren waar je maar zo’n tachtig jaar op doorbrengt? Voor de volgende generatie? Who cares, ik wil geen kinderen.

Waarom dan geen fulltime vegetariër?

Als ik het allemaal zo goed denk te weten, waarom ben ik dan geen fulltime vegetariër? Ik merk dat ik soms niet serieus wordt genomen als ik vraag of ik iets zonder vlees mag, bijvoorbeeld als ik op bezoek ben. Ik eis echt geen dure vleesvervangers van mensen, een gerecht waar voor mij geen vlees in zit is wat mij betreft prima. Het punt is dat mensen het niet begrijpen, omdat ik een dag later vrolijk een broodje hamburger naar binnen schuif. Die verwarring begrijp ik, heus. Ik ben wat dat betreft gewoon een zwakkeling die vlees nauwelijks kan weerstaan. Wat heeft het dan voor nut om vleesloze dagen te hebben? Nou, ik geloof dat alle kleine beetjes helpen. Daarbij is het, zoals ik eerder al noemde, goed voor je gezondheid. Ik eet vier dagen per week vlees en krijg dus nog voldoende protaïnen en vitamine B12 binnen, waardoor ik minder hoef terug te vallen op soms schandelijk dure vleesvervangers. Maar goed, ik geloof dus in het motto alle kleine beetjes helpen. Vlees volledig laten staan vinden veel meer mensen moeilijk. Die schrikken terug van het idee om volledig vegetarisch te worden, want je moet altijd rekening houden met wat je eet, creatieve oplossingen verzinnen om vlees te vervangen en anders vleesvervangers kopen die veel duurder zijn dan kiloknallers. Maar stel nou dat driekwart van de mensen erin zou slagen om het vlees minstens drie dagen per week te laten voor wat het is, zou dat echt totaal geen effect hebben? Zou dat echt niet opwegen tegen die kwart van de bevolking (ruwweg, ik heb de cijfers hier niet) die het vlees volledig laten staan? Ik geloof dat wat ik en de andere flexitariërs doen zeker wel effect heeft, niet alleen voor wereldverbetering, maar ook voor onze gezondheid. En ja, het raakt me dus best wel dat mensen er zo laconiek over denken en niet zien waarom ze er rekening mee moeten houden, gezien ik een ‘nep vegetariër’ ben.

Foto van de wraptaart

De wraptaart: een bijzonder gerechtje

Geschatte leestijd: 2 minuten“Wat eten we vanavond?”, vroeg ik aan mijn moeder terwijl ik op de bank plofte na een lange schooldag.
“Wraptaart”, zei mijn moeder. Eerst dacht ik dat ze een grapje maakte. Wraptaart, ja hoor. En hoe moest die er uitzien dan? Een taartbodem van wraps, met daar bovenop een smakelijk mengsel van fruit en slagroom of zoiets? Nou lekker hoor, jammie jammie. Gelukkig kwam ik er al snel achter dat het totaal niet leek op wat ik dacht. Als ik een gerecht moet noemen waar het nog het meest op lijkt, denk ik dat het wel iets weg heeft van lasagne, maar dan in een taartvorm.

Inmiddels zijn we vijf jaar verder en is het recept erg populair bij familie en vrienden. Volgens mijn moeder is het een makkelijk, lekker en gezond gerecht en ik geef haar daar helemaal gelijk in. Zelf heb ik de wraptaart nog niet gemaakt, omdat mijn kookkunst nog niet echt verder komt dan het rullen van gehakt, het koken van pasta/rijst en het snijden van groenten. Maar ach, gewoon door oefenen, dan komt die wraptaart van zelf wel een keer op tafel.

Benieuwd geworden naar de smaak van deze lekkere hartige taart? Hieronder het recept.

Recept Wraptaart

Wat heb je nodig:

Een Pond gehakt, vijf a zes tortila wraps ongeveer zo groot als een appeltaart vorm, een zakje geraspte kaas, een blikje tomatenpuree, twee tomaten, een macaronigroenten pakket, een bakje philadelphia roomkaas of ander merk, zout en peper en een klein beetje sambal

1. Snijd de tomaten in blokjes en zet deze alvast klaar.

2. Rul het gehakt en doe de tomatenpuree, zout, peper en sambal er bij.

3. Vervolgens doe je het macaronipakket en de in blokjes gesneden tomaten erbij.

4. Smeer de eerste wrap in met roomkaas en leg deze in de appeltaart vorm.

5. Doe twee scheppen van het mengsel uit de pan er op, dan de geraspte kaas er over. Dit herhaal je tot je vijf a zes wraps met het mengsel op elkaar hebt liggen.

6. Doe als laatste iets meer geraspte kaas op de bovenste wrap.

7. Zet de taart twintig minuten op 220 graden in de oven.

8. De taart kan daarna zowel warm als koud gegeten worden.

Eet smakelijk!