Home » visuele beperking

Tag: visuele beperking

Pompoenlantaarn Walibi Fright Nights

In blinde paniek door Walibi Fright Nights

Het is oktober, de maand van Halloween! Dit hebben wij vorig jaar met een leuk groepje mensen mogen vieren tijdens de Walibi Fright Nights. Van dat groepje waren Moortje en ik de enige slechtzienden. Ik denk dat we het er beide over eens zijn dat onze visuele beperking een extra dimensie heeft gegeven aan deze ervaring. Je ziet dingen soms nóg later aankomen en ik kan je vertellen dat dat de spanning er wel in houdt. Dit jaar zijn we ook geweest, echter was er geen Fright Nights vanwege de coronacrisis. In dit artikel zal ik de ervaring van dit jaar ook met jullie delen.

Scarezones

Het woord zegt het misschien al. Maar dit zijn de zones in het park waarin je bang gemaakt gaat worden door mensen die de benen onder hun lijf vandaan hebben gerend om dit voor elkaar te boksen. Hier zie je mensen met kostuums, schmink en soms wat bloed hier en daar. Deze mensen laten er geen gras over groeien en stormen af en toe op je af alsof je ze wat aangedaan hebt. Dit is natuurlijk niet zo, maar ze zijn kil en meedogenloos. In deze zones was ook muziek te horen. Dit was onheilspellende muziek, of keiharde rock. Dit maakte me nog zenuwachtiger.

Buiten deze zones ben je veilig en heb je de kans om even op adem te komen. Ik had dat ten minste nodig. Er zijn mensen die namelijk geen kick geven.

Een vredige boswandeling

In ieder geval kunnen Moortje en ik één ding van onze bucketlist afstrepen. Wie wil er nou niet omsingeld worden door 4 bebloede mannen met een kettingzaag en er vervolgens één tegen je achterwerk aan krijgen? Even voor de goede orde, ik heb het over de kettingzaag. Dat resulteerde in gillend, rennend en half struikelend door het bos heen gaan. Op dat moment kon ik niet relativeren dat het allemaal nep was. Complimenten voor de acteurs!

Al met al was dit een zeer leuke, spannende en geslaagde avond. We hoopten dat het dit jaar weer zou kunnen, maar door de huidige omstandigheden is dit anders gelopen.

Virtuele wachtrijen

Om afstand te kunnen houden en het zo veilig mogelijk te maken voor iedereen, is er dit jaar een nieuw concept in het leven geroepen: de virtuele wachtrij. Deze rij gold voor de achtbanen. De rest van de attracties kon je bezoeken zonder virtuele wachtrij. Bij binnenkomst kregen we een QR-code die we konden scannen met onze smartphone. Deze verwees ons naar de website met de achtbanen. Zo kon je de wachttijden zien en je aanmelden voor een achtbaan. Als de wachttijd voorbij was, dan had je nog dertig minuten om bij de attractie te komen. Dit gaf ons de mogelijkheid om tussendoor een attractie te bezoeken waar je, je niet voor aan hoefde te melden.

Deze manier van werken scheelde enorm veel gedrang en gedoe in de wachtrijen. De wachtrijen waren korter en minder benauwend. Uiteraard was dit ook de bedoeling, maar van mij mogen ze dit altijd wel doen!

Ook dit was een lange, gezellige dag. Ondanks dat het anders was dan we gewend waren, was het niet minder leuk. Ook over dit jaar mijn complimenten aan Walibi!

Foto van geleidehond Vida in functie

Een wandelende attractie: vooroordelen op straat

Ja, zo voel ik mij regelmatig als ik bijvoorbeeld boodschappen ga doen. En ik snap dat je een vrouw met een blindengeleidehond en een peuter in een draagzak op haar rug niet vaak ziet, toch vind ik wel dat mensen echt eens na moeten denken voor ze het eerste dat in hen opkomt eruit gooien.

Enkele voorbeelden

Onbekende vrouw: “Ben je zo geboren?”
Ik: “Nee, met acht pond en 51cm.”
Onbekende vrouw: “Zeg, wat mankeer je eigenlijk?”
Ik: “Uhm wil je dat echt weten?”
Onbekende vrouw: “Ja graag.”
Ik: “Oké komt ‘i! Het Bardet Biedl Syndroom, Retinitis Pigmentosa, Hypothyreoïdie, geboren met Polydactylie, maar dat is operatief verwijderd en Fibromyalgie.” Toen had ze niks meer te zeggen.

Iemand loopt voorbij en zegt: “Snap niet dat gehandicapten kinderen mogen krijgen.”

En waarom gaan mensen er toch standaard van uit dat als je een lichamelijke beperking hebt, je dan ook een verstandelijke beperking moet hebben? Mijn lijf werkt dan niet altijd mee, maar met mijn verstand is niks mis.

Ook leuke reacties

Gelukkig krijg ik ook leuke reacties. Mensen die het knap vinden hoe ik het allemaal doe. Meestal word ik daar wat ongemakkelijk van. Voor mij is het namelijk zo normaal hoe ik alles doe,dat ik er gewoon niet bij stilsta dat het voor een ander bijzonder is. Meestal gaan die gesprekken over mijn geleidehond Vida en de dingen die ze allemaal voor mij doet. Ik vind het echt niet erg als mensen iets vragen. Het is vaak de toon waarop. Als iemand iets uit interesse vraagt en ik heb tijd, wil ik hun vragen gerust beantwoorden.

Tot slot

Mensen met een beperking willen ook gewoon meedoen indeze maatschappij. Dus tip van mij: Behandel ons zoals je zelf behandeld wilt worden. Want ik ben gewoon Yvonne, een tweeëndertig jarige trotse mama van een peuter. En ja, toevallig ben ik chronisch ziek maar maakt mij dat anders of minder waard dan mensen zonder beperking?

Dit artikel werd geschreven door Yvonne Bleijenberg-Stip

GIF van Mario video games

Het spelen van video games met weinig visus

Ik moet een jaar of tien geweest zijn toen mijn zusje voor haar verjaardag van mijn ouders een roze Nintendo DS Lite kreeg. Ook kreeg ze daarbij een spelletje waarmee ze voor baby’s kon zorgen. Toen al helemaal gek op zorgen en moederen stortte ze zich op het spel. Bijna iedere dag zag ik haar liefdevol spelen met haar digitale kindertjes. Ik was stiekem een beetje jaloers op hoe ze zich verloor in die wereld en wilde dat ook. Maar helaas, toen ze het me liet proberen ontdekte ik al snel dat het voor mijn drie procent zicht te veel gevraagd was. Te veel tekst, te veel details die ik miste. Later kreeg ze er een spel bij waarmee ze voor hamstertjes zorgde. Dat ging me wat beter af, vooral bepaalde minigames lukten me aardig. Toch dachten zowel mijn ouders als ik dat zo’n apparaatje niets voor mij zou zijn, omdat ik er zo weinig mee zou kunnen en ik misschien last van mijn ogen zou krijgen. Dus met een lichte teleurstelling zei ik de video games vaarwel.

Toen mijn andere zusje ongeveer een jaar later ook een DS Lite kreeg, een groene, nam mijn interesse voor video games weer toe. Zij kreeg er een totaal ander spel bij, namelijk: New Super Mario Bros. DS. Dit 2D Mario-spel waarbij je een klein poppetje door verschillende levels met uiteenlopende vijanden en obstakels moet sturen, was helemaal niet voor me te doen, zo dacht mijn moeder. Maar op een goede dag kreeg ik de DS van mijn zusje te pakken en probeerde ik ook dat spel, waarbij ik tot de verbazingwekkende ontdekking kwam dat ik het best redelijk kon zien, zolang ik de game console maar dicht bij genoeg hield, zo’n 1,5 centimeter van mijn ogen af. Er ging een hele wereld voor me open. De wereld van Super Mario, die lang niet zo ondoenlijk voor me bleek te zijn dan we hadden gedacht. En toen kwam het magische moment dat mijn moeder me op een ochtend in maart 2009 wakker maakte met de alles veranderende mededeling: “er is een witte DS Lite in de aanbieding, ga je mee?”, waarmee mijn leven als video gamer een startsein kreeg.

Gokken en klikken

Het begon met spellen van Super Mario. Deze waren niet al te lastig: er zit bijna geen verhaal in die spellen, dus ik hoefde geen halsbrekende toeren uit te halen om dat mee te krijgen. Hierdoor miste ik wel de plot van een spel als Super Mario 64 DS, maar de talrijke 3D-werelden die je zonder tijdslimiet kon verkennen om Power Stars te verzamelen, maakten dat meer dan goed. In Super Mario Bros. DS zat wel een tijdslimiet, die samen met Mini Mario de meeste problemen gaf. En Mario Kart was ook opvallend goed voor me te doen. Hoewel mijn visus waardeloos is, werkt mijn visuele geheugen wel behoorlijk goed, waardoor ik vrij snel de verschillende kartbanen uit mijn hoofd kende. Het liefst speelde ik als het vrolijke groene draakje, waarvan ik de naam natuurlijk niet kon lezen, dus die ik tot Ditchy gedoopt had, om er veel later achter te komen dat deze eigenlijk Yoshi heette. Internet werd in die tijd mijn grootste vriend en online las ik over de achtergrond van veel Mario personages, waardoor ik het ‘verhaal’ in de spellen beter kon begrijpen.

Mijn Mario Kart 8 deluxe highlights als Witte Yoshi
Meer highlights op een visueel uitdagender baan

Dankzij een schoolvriendinnetje ontdekte ik de wereld van Pokémon. Ik was meteen verkocht toen ze me Pokémon Soul Silver liet zien en wilde dat spel ook spelen. Het spel werd op mijn verzoek op mijn R4-kaartje gedownload, maar helaas was het de Japanse versie. Of nou ja, helaas, ik kon het toch niet lezen. En als extra moeilijkheid hebben de Pokémon spellen wel een uitgebreide verhaallijn. Omdat ik die totaal niet mee kreeg, rommelde ik maar wat aan. Dit had als gevolg dat ik soms tijden vast zat in hetzelfde gebied en maar niet verder kwam. Ik heb het zelfs voor elkaar gekregen om op een gegeven moment mijn sterkste Pokémon te verwijderen en ik kreeg hem met geen mogelijkheid meer terug. Toch had ik er ontzettend veel lol in. Later kreeg ik andere Pokémon spellen, zoals: Pokémon Diamond, die wel in het Engels waren. Ook daarvan was de tekst natuurlijk veel te klein om het verhaal te volgen, maar dit nam ik voor lief. Pokémon gevechten gingen beter, want ik leerde de zetten die mijn Pokémon kenden ook uit mijn hoofd. En zo af en toe vroeg ik iemand in mijn buurt om iets te lezen als ik dacht dat het belangrijk was.

Cheaten

Ik was, en ben nog steeds wel, erg streng voor mezelf als het om spelen van video games gaat. Ieder level, ieder gevecht wil ik zelf halen, drie procent zicht of niet. Ik heb de meeste spellen op eigen kracht uit kunnen spelen. Online leg ik het vaak wel af tegen mijn medespelers die niet gehinderd worden door slechte ogen en hoewel online spelen daardoor erg confronterend is, doe ik het wel graag. Af en toe stond ik mezelf toe om voor de lol cheats te activeren via mijn R4-kaart. Voor niet-gamers, cheats zijn codes die de spellen gemakkelijker maken. In Mario wordt je bijvoorbeeld onoverwinnelijk of kun je ongelimiteerd hoog en lang springen, waardoor je over alle obstakels heen vliegt. Er zijn veel verschillende soorten cheats en ik hield ervan om daarmee te spelen, al wiste ik de vorderingen die ik daarmee maakte vrijwel meteen weer. Er was altijd wel een stemmetje in mijn hoofd dat fluisterde dat ik vanwege mijn slechte zicht best wel eens zou mogen cheaten bij zo’n spel, maar dan voelde de prestaties die ik leverde niet als die van mij en maakte ik de voortgang die ik had geboekt vrijwel meteen weer ongedaan.

De beste consoles voor slechtzienden

Door de jaren heen heb ik verschillende consoles versleten. Niet zo zeer omdat ik slordig omga met mijn spullen, ik bedoel, ik heb in die tijd maar één DS Lite in tweeën laten breken. Ik kreeg een DSI, niet alleen om zijn vele nieuwe functies ten opzichte van de Lite, zoals het opnemen en bewerken van korte audiofragmenten waar ik onwijs mee geklooid heb, maar ook en vooral omdat daar een XL-versie van was die veel grotere schermen had. Ik nam in die tijd ook afscheid van de R4-kaart, omdat illegale spellen te veel ellende gaven en je er niet mee online kan gaan. Toen de Nintendo 3DS uitkwam besloot ik bij mijn DSI te blijven, maar ja, de nieuwste spellen kwamen alleen nog maar voor de 3DS uit. Ik baalde hier een beetje van. Aan die 3D-functie, één van de nieuwe mogelijkheden van deze console, had ik niets. Ik hou het apparaat zo dicht bij mijn gezicht dat, als ik 3D aanzet, mijn zicht op het spel wordt gehinderd door lelijke strepen. Gelukkig kun je 3D ook uit laten, en dus zwichtte ik in 2016 en kocht de Nintendo 3DS XL.

En toen kwam de Nintendo Switch uit. Ook tegen die drang om de Switch te kopen heb ik me jarenlang met succes verzet. Uiteindelijk werd ik toch overgehaald en kocht ik de Switch Lite. Deze kan niet aan de televisie verbonden worden, maar in tegenstelling tot wat je misschien zou denken vind ik dit juist fijner. Natuurlijk, een tv heeft een groter scherm, maar dit kun je niet vlak bij je ogen houden. Ook heb ik op de tv geen duidelijk overzicht en met een kleiner scherm wel. Mij wordt regelmatig gevraagd of dat gamen niet zwaar is voor mijn ogen. Bizar genoeg valt dat bij de meeste spellen best mee. Zolang ik niet hoef te lezen of te turen naar voor mij minuscule details, houden mijn ogen het erg lang vol zonder dat ik er last mee krijg.

Met het veranderen van console veranderde ook mijn manier van spelen. Mijn strategie van gokken en klikken volstond niet meer. Ik werd ouder en wilde het verhaal graag beter volgen. Toen ik de 3DS had, had ik daarvoor een vrij omslachtige en vermoeiende maar werkende methode gevonden. Ik gebruikte de camera van mijn telefoon met de vergrootfunctie om zo de tekst te lezen, en later gebruikte ik de app Seeing AI, die met wat gestotter en gehakkel de tekst onder mijn camera kon voorlezen. Toen ik twee maanden geleden de Switch Lite kocht, werd ik getroffen door een positieve verrassing. Deze Switch heeft namelijk een zoomfunctie, waarmee ik het scherm kan vergroten en dus geen hulp van andere apparaten nodig heb om te lezen wat ik doe. Dat zo’n visueel georiënteerd bedrijf als Nintendo dan toch rekening begint te houden met mensen met een visuele beperking ontroert me eerlijk gezegd een beetje. Nu nog een speciale audioconsole voor volledig blinde mensen en dan kunnen ze in mijn ogen niets meer fout doen.

GIF groepsdynamiek

Studeren met een visuele beperking #2 – groepsdynamiek

Nu mijn studie bijna ten einde loopt, vind ik het tijd worden om mijn ervaringen als studente Media, Informatie en Communicatie met een visuele beperking met jullie te delen. In het eerste deel van deze blogserie beschreef ik hoe ik de overstap van het voortgezet speciaal onderwijs naar het reguliere hoger beroepsonderwijs ervoer. Nu wordt het tijd voor mijn minst favoriete onderwerp, dat zeg ik jullie eerlijk, het erbij horen: de groepsdynamiek.

Als je een functiebeperking hebt, heb je altijd een achterstand op je medestudenten. Het maakt niet uit hoe hard je je best doet om erbij te horen: je zult net iets trager, net iets minder mentaal aanwezig zijn doordat prikkels van je omgeving anders binnenkomen. Dit is iets waar je niets aan kunt veranderen, maar als je het accepteert valt er prima mee te leven. Ik zie mezelf bijvoorbeeld als een heel sociaal, kletserig persoon, maar wanneer ik tussen vreemde mensen ben die niet zijn zoals ik, die geen beperking hebben die hen remt in hun doen en laten, ben ik stil en afwezig. Hoe dat komt? Ik denk dat het per beperking verschilt. In het geval van de visuele beperking zou ik zeggen dat het komt omdat ik de non-verbale communicatie in de groep niet of nauwelijks mee krijg. De gebaartjes, het oogcontact en misschien zelfs stiekeme kleine briefjes die mijn medestudenten uitwisselen, gaan vrijwel volledig langs me heen. Dat er zo veel non-verbale communicatie is, is logisch: ik heb eens ergens gehoord of gelezen dat tachtig procent van onze communicatie non-verbaal is. Ik zelf merk ook dat ik bepaalde gezichten trek om dingen duidelijk te maken aan anderen, dat ik wijs, knik of met mijn hoofd schud. Dit doe ik automatisch niet bij blinde medemensen, maar dit is niet iets wat ik zou vragen van mijn medestudenten. Ik ben het gewend te communiceren met blinde en zeer slechtziende mensen en weet hoe ik mijn reacties zo verbaal mogelijk moet uitdrukken, maar voor al mijn klasgenoten was ik de eerste slechtziende met wie ze samenwerkten, misschien zelfs de eerste slechtziende die ze ooit ontmoet hebben. En daarom verwijt ik hen niets. Ik lag vaak net een streepje op hen achter, bevond me aan de rand van de groep in plaats van er middenin, maar ik maakte er tenminste wel deel van uit.

Wederzijdse communicatie

Dit ligt uiteraard niet alleen aan de non-verbale communicatie van mijn medestudenten. Ik zelf moet ook open blijven over wat ik wel en niet kan, goed communiceren over de tekortkomingen die mijn slechte zicht me oplegt en niet dichtklappen. Daar heb ik soms last van en dat is op z’n zachtst gezegd niet echt handig. Dat dichtklappen gebeurde ook wanneer we groepjes moesten vormen voor een studieproject. Met vlugge blikken en kleine gebaartjes deelden de studenten om me heen zichzelf en elkaar in. Ik zat er een beetje verloren tussen. Moest ik nu door de klas gaan roepen: “wie wil er met mij?” Die zin is op zichzelf al niet echt fraai, en daarbij, ik was er niet goed in om mezelf op te dringen. Ik klapte dicht en als gevolg daarvan restte me niets anders dan te wachten op het beschamende moment dat de docent zag dat ik nog geen groepje had, en me liet aanhaken bij een groepje dat er, voor mijn gevoel althans, niet op zat te wachten.

De voordelen

Laat ik dit stuk afsluiten met een wat positiever geluid: wat voor mij de voordelen zijn van werken in groepjes. Natuurlijk vindt de opleiding het belangrijk: goed leren samenwerken, elkaar feedback geven enzovoort. Daarnaast heeft het voor mij ook bijkomende extra voordelen. Ik werkte voor een bepaalde periode intensief samen met een paar studenten, die ik als gevolg daarvan beter leerde kennen, ook bij naam. Dit maakte dat ik ze makkelijker benaderde als ik een vraag had of iemand nodig had om met me mee te lopen naar het lokaal. Verder merkte ik aan mezelf dat ik opener en actiever ben in een klein groepje waarbij de opstelling van tevoren bepaald is en vaststaat. In dat opzicht was ik dus blij met projectgroepen.

Video over mijn studie-ervaringen

Vorig jaar werd ik door Space of Stories gevraagd om mijn verhaal en ervaringen als slechtziende studente te delen en samen maakten we onderstaande video, waarin ik niet alleen over mijn studie, maar ook over mijn ambities en dromen vertel.

Artwork De witte stok

Podcast ‘De witte stok’: maakt ons zichtbaar

Mijn naam is Tatjana, ik ben dertig jaar en ik ben sinds mijn geboorte blind. Ik zie nog wel licht, donker en kan kleuren onderscheiden.  Ik ben me er al mijn hele leven van bewust dat ik een beperking heb. Dat begon al toen ik heel klein was. Toen vertelden we al aan kinderen waarmee ik speelde dat mijn ogen ziek zijn en het niet doen en dat ze alles aan mij moeten laten voelen. Dit ging meestal erg goed. Tijdens mijn kindertijd was mijn beperking ook nauwelijks een issue. Naarmate ik ouder werd veranderde dit. Jongeren in mijn omgeving kregen een rijbewijs, werden verliefd en deden allerlei andere dingen die voor mij lastig waren. Natuurlijk was dat voor mij erg moeilijk, maar ik probeerde altijd het beste ervan te maken. Veelal met mijn lieve familie samen.

De oorsprong van de podcast

Op een gegeven moment word je ouder en ook zelfstandiger. Je wil vooral dingen zelf kunnen zonder aan het handje van je vader of moeder mee te lopen. Een start voor deze zelfstandigheid maakte ik op school. Ik bezocht het speciaal onderwijs waar ik heel veel dingen aangeleerd kreeg die mij het leven met mijn beperking makkelijker maken. Denk hierbij aan mobiliteitstraining.

Bijna drie jaar geleden ontmoette ik Sander. Er was meteen een klik tussen ons en we hebben elkaar sindsdien niet meer losgelaten. We delen dezelfde hobby’s en vullen elkaar optimaal aan.  Sander is net als ik zijn hele leven al blind en net zo ambitieus als ik wat de omgang met zijn beperking betreft. We zijn dus een perfect team samen en kunnen door onze goede samenwerking veel met z’n tweeën bereiken.

Pitchwedstrijd

Vorig jaar kwamen we een oproep van het Podcastnetwerk tegen. Zij organiseerden samen met Dag en nacht media een podcastpitch. Je kon je idee voor een podcast insturen. Dit idee werd beoordeeld door een vakkundige jury. Je wint begeleiding door Dag en nacht media, een sponsordeal met Auto.nl, en opnameapparatuur. Je pitch werd live beoordeeld tijdens het Podcastfestival. Aangezien Sander en ik ontzettend graag met geluid werken was dit wel aan ons besteedt. We liepen al langer rond met het idee voor een podcast over onze blindheid. Over waar we letterlijk en figuurlijk tegenaan lopen. We twijfelden geen moment en stuurden een pitch in.

We waren zelf aanwezig tijdens de beoordeling. Het was echt ontzettend gaaf om onze eigen inzending via de koptelefoon daar ter plekke te horen. Het jurycommentaar was ook een verrassing. Het enthousiasme over ons idee had ik niet zien aankomen. Lang verhaal kort: we wonnen de pitchwedstrijd en gingen aan de slag.

Podcastfestival 2020

Nu is het bijna een jaar later en is het tijd voor het podcastfestival 2020. Op vrijdag 18 september is de eerste aflevering van onze podcast ‘De witte stok’ te horen tijdens de openingsavond.  Het leuke is dat jij daar virtueel bij kan zijn. Door alle maatregelen rondom het Coronavirus vindt het grootste gedeelte van het festival online plaats. Kaartjes kun je kopen via de site van het Podcastfestival.

Als je de code op je kaartje niet kunt lezen zal het podcastnetwerk deze in tekst naar je toesturen. Mail het kaartje en je gegevens hiervoor naar info@podcastnetwerk.nl

Tijdens deze avond worden Sander en ik geïnterviewd door Botte Jellema en Ype Driessen. Onze favoriete podcastmakers, Eeuw van de amateur. We hebben er ontzettend veel zin in.

De witte stok

Dan nu eindelijk waar je al die tijd op wacht. De podcast, ik schreef net al dat hij gaat over de dingen waar wij als blinden letterlijk en figuurlijk tegenaan lopen. We laten je horen wat er allemaal goed gaat en wat er anders gaat dan wij graag zouden willen. Allerlei onderwerpen komen aan bod. Mobiliteit, wet- en regelgeving, hobby’s, sociale contacten, werk en opleiding, theater en ga zo maar door. Je kunt het zo gek niet bedenken. Je hoort verhalen van Sander en van mij, maar zeker ook verhalen van andere blinden en personen die op welke manier dan ook met mensen met een visuele beperking te maken hebben.

Bewustwording is wat wij met onze podcast willen bereiken. Er zijn zoveel onterechte vooroordelen en aannames die de wereld uit moeten. Zo is niet elke blinde muzikaal en hoort een blinde lang niet altijd beter dan een goedziende. Blinden kunnen prima zelf lopen, praten en dingen aangeven die zij al dan niet prettig vinden. Dat hoeft heus niet een begeleider te doen.

We hopen je vanaf 20 september maandelijks te vermaken en informeren met onze podcast ‘De witte stok’. Je kunt je abonneren via je favoriete podcastapp, Apple podcasts, Spotify, en Rss.

Dit artikel werd geschreven door Tatjana Wehrmann

Studeren met een visuele beperking

Studeren met een visuele beperking #1 – van VSO naar HBO

Volgende week is het zover, dan begin ik aan de laatste lootjes van mijn afstudeertraject. Door de coronacrisis en andere omstandigheden die me vertraagden doe ik er drie maanden langer over, maar als het goed is heb ik in november dan eindelijk mijn fel begeerde bachelor behaald. Mensen reageren vaak met de woorden “wat knap” als ze horen dat ik een reguliere hbo-opleiding volg. Wat knap is sowieso een vaak gehoorde term als je als blinde of slechtziende iets onderneemt, maar goed. Het is echt niet onmogelijk om te studeren met een visuele beperking, maar natuurlijk gaat het niet vanzelf. Dingen die mijn studiegenoten met twee vingers in hun neus zouden kunnen doen, waren voor mij soms behoorlijk pittig. In deze blogserie laat ik je veelvoorkomende uitdagingen zien die ik tijdens het studeren tegen ben gekomen, en hoe ik deze ben aangegaan.

Voortgezet speciaal onderwijs (VSO)

Ik bracht mijn tijd op de havo door op een kleine school voor mensen met een visuele beperking in Zeist. Zelf woonde ik in Hengelo, Overijssel, maar deze speciale school was de dichtstbijzijnde. De hoogste klas van de havo had welgeteld twee leerlingen, mezelf meegerekend. Omdat we de kleinste klas van de school waren, werden we samengevoegd met de havo-klas onder ons, waardoor ons groepje uit vijf leerlingen bestond. Deze omvang is vrij normaal voor een klas in het speciaal onderwijs. Al het lesmateriaal was aangepast aan onze beperking. Bijna alle computers hadden speciale hulpsoftware waardoor ook blinde mensen ze konden bedienen. Was je blind, dan was je één van de velen. Slecht zicht was dat wat ons tot één groep maakte, niet iets wat ons onderscheidde van de rest. Het was een plek waar ik me normaal voelde, gelijk aan ieder ander. De school telde bij elkaar zo’n zeventig leerlingen. Iedereen kende elkaar bij naam. Dit zorgde natuurlijk ook voor een hoog roddelgehalte, zowel binnen als buiten de muren van het schoolgebouw, maar goed, dat hield de boel levendig.

En toen…

Onze leraren hadden ons al gewaarschuwd voor het hoger beroepsonderwijs. Immense gebouwen vol lange gangen met voor ons onleesbare aanwijzingen naar het juiste lokaal. Hordes ‘normale’ studenten aan wie je wat je ‘mankeerde’ herhaaldelijk zou moeten uitleggen. Niet-aangepast studiemateriaal waar je dan zelf achteraan moest. Toetsen die aangepast moesten worden. Medelijden en onbegrip van je medestudenten of docenten. Op het VSO was het onderwijs aangepast op iedere leerling en hielden ze, zoals ze zelf zeiden, “je handje vast”. Op het hbo stond je er alleen voor. Dat was het schrikbeeld dat ze schetsten en ik moet zeggen, grotendeels klopt het wel.

Die overstap van zo’n klein, informeel schooltje naar een enorme instelling vol onbekende ‘zienden’ was overweldigend kan ik je vertellen. Ik had me er geestelijk al op ingesteld en liet me, half murw geslagen door de nieuwe indrukken, voor de eerste dagen op het Saxion meevoeren op de stroom. Dit gevoel valt het best te omschrijven met het idee dat iedereen rende, en ik stilstond. Alles ging vijf keer zo snel dan dat ik gewend was. Ik verdwaalde, vroeg vaker hulp dan prettig voelde en verloor beetje bij beetje mijn onafhankelijkheidsdrang. Ik wilde alles zelf doen, maar dat kon gewoon niet. Ik moest wel een beetje op mijn medestudenten leunen maar kreeg hierdoor ook vaak afwijzingen te verwerken. Op een goede dag kreeg ik van mijn slb’er de kans om uit te leggen wat mijn beperking inhield. Dat was erg prettig en we hadden een goed gesprek met z’n allen. Toch was er ook een studente die zei dat ze me graag wilde helpen, maar dat ze er niet voor gekozen had met mij in de klas te zitten en dat ze er niet altijd voor me kon zijn. Die opmerking, of meer hoe ze deze verwoordde, kwam hard binnen. Natuurlijk was het een hele redelijke opmerking, maar het herinnerde me er toch weer sterk aan dat ik een last voor mijn medestudenten vormde.

Maar aan de andere kant…

Toch waren er zeker wel studenten die erg leuk met me omgingen en met wie ik graag optrok. Studenten die me hielpen en bij wie ik me op mijn gemak en zelfs normaal voelde. In mijn tweede jaar kreeg ik het compliment dat het groepje waarmee ik toen nauw samenwerkte voor een project, soms vergat dat ik slechtziend was. Wat die opmerking suggereert? Dat ik dus normaal functioneerde in de groep en niet voor al te veel belemmeringen zorgde.

Vooral het eerste jaar was voor mij dus een achtbaan aan emoties. Veel nieuwe indrukken en dagen van hoofdpijn en nervositeit waren soms het gevolg. Toen ik mijn geleidehond, Siérra, kreeg, ging het vaak al wat beter, al kwam dit ook omdat mensen sneller met me gingen praten nu ik een hond had. De overstap van het speciaal onderwijs naar regulier onderwijs was heftig, maar niet zo heftig als ik had gevreesd. Want ja, ik vreesde het hbo, wilde er jaren geleden nog niet eens aan denken om na de havo verder te studeren uit angst dat ik met name het sociale leven daar niet kon bijbenen. Ik leg de schuld hiervoor toch wel een beetje bij mijn oude school. Ik kwam uit een beschermde omgeving, met de duistere waarschuwing van mijn leraren echoënd in mijn oren, maar verder geen enkele fatsoenlijke voorbereiding op het woelige hbo. Daar mogen ze op het VSO best wel wat meer aan doen wat mij betreft, hoe eerder, hoe liever. Een voorbeeld: laat de leerlingen in het laatste jaar van de vmbo of havo meer zelf regelen. Geef ze plotseling een studieboek met veel te kleine lettertjes, ik noem maar wat geks. 🙂

Ouderschap met een visuele beperking

Slechtziend en mama? Ja, dat kan!

Even voorstellen, Ik ben Yvonne, 32 jaar, ik ben getrouwd met Nick en wij zijn de trotse ouders van Roan. Ik heb de oogziekte Retinitis Pigmentosa. Hierdoor zie ik met rechts alleen licht en donker. Met links zie ik nog vijf procent in een koker van vijf graden, ik kijk als het ware door een rietje. Daarnaast ben ik nachtblind en heb ik snel last van fel licht. Nick en Roan zien gewoon goed. Ik ben gevraagd om een blog te schrijven over het ouderschap met een visuele beperking. Er bestaan namelijk heel veel misverstanden en vooroordelen over.

Kinderwens

Nick en ik waren het snel eens, wij wilden heel graag een kindje. Gelukkig was de kans dat Roan RP zou krijgen zeer klein, dus toen ik een positieve zwangerschapstest in mijn handen had waren we dolblij.

Vooroordelen

Tijdens de zwangerschap kreeg ik er al mee te maken, mensen die het niet vonden kunnen dat ik een kind zou krijgen. Ik zou niet voor hem kunnen zorgen, het zal wel een ongelukje zijn, je man moet straks alles doen. Dit zijn maar een paar voorbeelden van wat ik heb gehoord. Het ergste vond ik dat iemand zei dat het jammer was dat ik al zo lang zwanger was, want dan kon ik het niet meer laten weghalen.

Roan

Foto van Yvonne met Roan

Op 15 november 2018 na een zwangerschap van 38 weken werd, met een hele snelle bevalling Roan geboren. Hij is perfect, maar dat vind elke ouder van zijn kind. Inmiddels is Roan 21 maanden oud. Hij is een vrolijke, ondernemende dreumes en soms wat eigenwijs, wat hij uiteraard van Nick heeft. Tot nu toe vind ik het super leuk om mama te zijn. Natuurlijk heb ik wel wat uitdagingen gehad, maar daar heb ik steeds een oplossing voor gevonden. Ik kan gewoon volledig voor hem zorgen.

Tips

Tot nu toe heb ik overal een oplossing voor gevonden. Zo neem ik Roan mee in de draagzak of voor kortere stukjes krijgt hij zijn knuffeltuigje om, zodat hij zelf kan lopen. Zorg ervoor dat je een paar mensen in je omgeving hebt waar je op terug kan vallen. Trek je niet teveel aan van wat mensen zeggen. Er is een Facebook groep voor slechtziende en blinde ouders: VIP ouders

Mijn belevenissen volgen?

Wil je mijn belevenissen als slechtziende mama volgen? Je kunt mij op Facebook en Instagram vinden als Mijn Blinde Leven.

Dit artikel werd geschreven door Yvonne Bleijenberg – Stip

Foto van Annemarieke en paard Lex bij de para-dressuur clinic van bonscoach Joyce

Para-dressuur, een gevoelssport

Het enige dat ik kan en mag besturen

Zeer regelmatig krijg ik te horen: wat knap dat je kunt paardrijden terwijl je blind bent! Dan weet ik nooit zo goed wat ik moet zeggen. Voor mij is het vanzelfsprekend: ik doe het al 15 jaar met veel plezier. Ik heb een aangeboren visuele beperking. Momenteel zie ik nog 0,01%, licht, donker en contouren. Bij paardrijden hoef ik mijn zicht nauwelijks te gebruiken: ik kan voelen wat het paard onder mij doet en welk been hij op welk moment optilt of neerzet. Ik kan het ritme voelen en mee bewegen met het ritme. Een veel voorkomende vraag van instructeurs is ook: voel je het verschil?

Para-dressuur

Het enige lastige is dat ik niet kan zien waar we heen rijden. Dit is van belang bij dressuur, waarbij wordt verwacht dat er rechte lijnen gereden worden op de letter. Vroeger kon ik de letters nog een klein beetje waarnemen, maar tegenwoordig is hier geen sprake meer van. Vorig jaar besefte ik dat ik toch echt hulpmiddelen nodig zal hebben als ik verder wil in de wedstrijdsport. Ik heb mij verdiept in de wereld van de para-dressuur waar ik tot dan nog zeer weinig vanaf wist. Ik kwam te weten dat ik mij kon laten keuren bij een oogarts. Aan de hand van de expertise van de oogarts werd bepaald welke hulpmiddelen ik mag gebruiken tijdens wedstrijden en in welke grade ik ingedeeld zal worden. Dit werd bepaald door NOC*NSF en de Koninklijke Nederlandse Hippysche Sportfederatie. Ik kon snel terecht bij de oogarts van Bartiméus en het traject verliep vlot.

Ik heb, zoals dat heet, een dispensatiepas ontvangen waar op staat dat ik gebruik mag maken van ‘callers’, één of meerdere personen die in de rijbak staan een de letters opnoemen waar ik langs rijd. Zo kan ik horen waar ik ben en waar ik heen ga.

De para-dressuur bestaat uit vijf grades, dit houd in dat de ernst van de beperking bepaald in welke grade je wordt ingedeeld. Grade één is zeer ernstig beperkt en grade vijf lichtbeperkt. De proeven van grade één zijn veel lichter dan die van grade vijf. Tot mijn verbazing werd ik ingedeeld in grade vijf, blindheid wordt dus als lichte beperking gezien.

Hulpmiddelen

Er is een stichting genaamd DVB Foundation, bestaande uit een netwerk van sponsoren die ruiters met een beperking een warm hart toedragen. Zij sponsoren hulpmiddelen en lessen voor ruiters met een beperking, bijvoorbeeld een aangepast zadel. Ik heb tien paardrijlessen gesponsord gekregen van een  gerenomeerd instructeur. Hier ben ik zeer dankbaar voor.

Eigen paard

Na lang sparen heb ik eind 2019 een eigen paard gekocht. Natuurlijk had ik alles geregeld wat bij een eigen paard komt kijken. Een stal waar hij zal komen te staan enzovoort. Ik heb voor een pensionstal gekozen waar de stal uitgemest wordt en de paarden gevoert worden. Niet omdat ik lui ben, maar een stal uitmesten is praktisch niet te doen voor mij. Op de tast mestballen opsporen, nee bedankt!

Het gaat erg goed met mijn paard Lex en met onze samenwerking. In het begin was het erg wennen. Lex had nog nooit een zeer slechtziende op zijn rug gehad. Ik geloof dat paarden wel merken dat er iets aan de hand is, maar hoe of wat is moeilijk te begrijpen voor hen.

Mooiste ervaring

In augustus heb ik deel genomen aan een clinnic die gegeven werd door de Nederlandse bonscoach van de para-dressuur, Joyce Heuitink. Op een prachtige accomodatie hebben Lex en ik een introductieproef gereden. Deze werd beoordeeld door Joyce Heuitink waarna ik nog les kreeg van haar. Dit was een zeer leerzame ervaring. Lex en ik gaan nog veel oefenen en verbeteren. Mijn droom is om met de Nederlandse kampioenschappen mee te doen, maar plezier is het aller belangrijkste. Aan plezier ontbreekt het niet, iedere dag ga ik met een grote smile op mijn gezicht naar Lex toe. Rijdend op Lex ben ik even onbeperkt.

Dit artikel werd geschreven door Annemarieke van Bloois

Videoland: een doorgekraste afspeelknop

Gestrand in Videoland

Beste makers van Videoland, Allereerst wil ik jullie complimenteren met het hele idee achter dit platform. Zo’n beetje alle films en series van RTL zijn bij jullie te bekijken voor een redelijk bedrag per maand. Er is alleen één ding dat ons, visueel beperkten, nogal dwars zit om van jullie dienst gebruik te maken, en dat is de ontoegankelijkheid van jullie app. Het zal jullie waarschijnlijk niet geheel onbekend zijn dat ook wij gebruik maken van een smartphone en of tablet en dat we deze niet enkel gebruiken om te bellen/gebeld te worden. Nee, wij zitten ook op Facebook, sturen Whatsappjes naar onze familie en vrienden en ja, misschien heel verrassend, maar wij kijken ook films en series. Nu is dit bij de meeste platforms inmiddels geen issue meer, denk hierbij aan Netflix of NlZiet. Deze apps zijn voor ons negenennegentig procent toegankelijk, omdat ze goed samenwerken met de schermlezers op onze smartphones. Jullie app doet dit voor laten we zeggen, twee procent en dat is voor zo’n groot platform best een beetje om te huilen, vinden jullie zelf ook niet? Laat ik eens wat specifieker zijn en jullie meenemen op mijn blinde reis door Videoland, met Apples voiceover als onze gids.

Een reisje door Videoland

Het drama begint, hoe ironisch, al op het beginscherm van de app, waar ik tot mijn grote verbazing zie dat best veel essentiële knoppen ‘grijs’ zijn, ik kan er dus niet op drukken. Goed, niet ideaal, maar ik weet wat ik wil kijken, dus dan maar naar het zoekveld. Yes, dat gaat goed. Even de naam van de des betreffende serie intypen en zoeken maar. Oké dan, ik zie nu wat onzin staan over acteurs en regisseurs, maar de serie die ik wil kijken is in geen velden of wegen te bekennen en ik weet heel zeker dat deze serie hier te vinden is, toch voor de zekerheid probeer ik nogmaals te zoeken, maar deze keer naar een andere serie. Het resultaat is niet erg verrassend en nogal frustrerend, alweer dezelfde ongein over acteurs en regisseurs. Gelukkig is er op het moment iemand met goed zicht in de buurt en vraag ik of er wat materiaal in mijn kijklijst gezet kan worden. Nadat dat is gebeurt probeer ik naar deze lijst te navigeren. Na wat gedoe met knoppen, die ieder zo om hun eigen duistere redenen niet meewerken, ben ik er dan eindelijk en kan ik beginnen met kijken.

Een korte pauze…?

Als ik even later op de bank helemaal verdiept ben in mijn serie, gaat ineens de bel. Oké, even naar de pauzeknop zoeken, maar waar zit dat ding? Dan valt het me op dat het kijkscherm er nogal vreemd uitziet. Er zijn iets van twee knoppen en geen van die knoppen is de pauzeknop. Degene die voor de deur staat heeft kennelijk geen geduld, want de bel gaat nog een keer. Nou, dan maar helemaal uit de app gaan en mijn iPhone vergrendelen. Hè hè, dat helpt, maar wat een gedoe zeg. Na de nodige plichtplegingen bij de voordeur wil ik weer verder gaan met kijken en wonder boven wonder, dat lukt ook nog zonder de nodige frustraties. Laat ik het alleen maar niet hebben over de capriolen die ik later moest uithalen om weer uit het kijkscherm te komen en een andere serie op te zoeken. Conclusie: De app van Videoland is voor visueel beperkten echt een ontoegankelijk en onoverzichtelijk drama en ik heb me laten vertellen dat de website er al niet beter aan toe is en ook mensen met goed zicht regelmatig verdwalen in dit doolhof van knopjes en icoontjes.

Veel betere kijk apps

Zelf ben ik groot fan van de apps van NLZiet, Netflix en Disney+. Deze apps zijn over het algemeen erg toegankelijk, al zijn bij NLZiet sommige knoppen nogal vreemd of gewoon niet gelabeld, maar ze doen het wel en als je eenmaal de functie van de knoppen weet is het prima te doen. Verder is het jammer dat je bij de Apple devices de ondertiteling bij films en series niet kan laten voorlezen, iets dat bij Netflix en Disney+ wel mogelijk is. Maar goed, dit weegt niet op tegen alle nadelen die de app en website van Videoland ons te bieden hebben. Ik heb gehoord dat het vanaf september verplicht is dat alle apps voor iedereen toegankelijk moeten zijn, dus, beste makers van Videoland, er is werk aan de winkel, want op deze manier slaan jullie behoorlijk de plank mis bij een vrij grote doelgroep. Mijn advies: ga eens brainstormen met wat ervaringsdeskundigen, dat levert vast wat op.

Foto van een kustlijn

Op vakantie met een visuele beperking

“Maar hoe red je je dan op vakantie?”
Deze vraag krijgen volgens mij vrij veel mensen met een visuele beperking. En toch, Als je visueel beperkt bent kan je ook prima op vakantie gaan. Vakantie is leuk, maar ook vermoeiend, helemaal met slecht zicht, dus kun je volgens mij het best kiezen voor een vakantieplek waar je alles kent.

De camping

Ik ben vaak als klein kind bij mijn opa en oma op de camping geweest. Die waren altijd erg bezorgd omdat er veel auto’s rijden. Dit zou voor gevaarlijke situaties kunnen zorgen, want ik zag ze immers niet. Je kunt ze echter wel goed horen, dus was er bijna geen gevaar. Uiteindelijk liep ik zelfstandig over de camping, ik vond dit altijd geweldig. De camping is voor mij al een vakantie. Lekker zwemmen, lopen en ik vond de oudere mensen altijd erg gezellig. Als je je afvraagt of ik daar ook met kinderen van rond mijn eigen leeftijd omging, dan is mijn antwoord, ja zeker. Ik had een beste vriend, met hem speelde ik veel. Nu zoveel jaren later ga ik nog steeds graag naar deze camping, ik ging hier laatst ook met een goede vriendin naartoe. Zij is blind en ik slechtziend. Wij redde ons hier erg goed, want als je zoals ik in een woongroep woont, leer je om zelfstandig te leven. Mijn moeder gaf ons eten mee, en dezelfde dag dat wij daar aankwamen hadden we nog wat extra boodschappen gedaan. Ook is er vlak bij de camping een restaurant dat ik makkelijk kan vinden, waar we een paar keer zijn gaan eten. Zo konden we lekker eten, zonder dat we veel hulp hoefden te vragen. Omdat ik daar al goed de weg ken gingen wij bij mijn opa en oma op bezoek, en zij hielpen ook als het nodig was.

Het hotel

Er zijn ook andere mogelijkheden om op vakantie te gaan, zoals in een Hotel. Ik ben naar een hotel gegaan met iemand, dit hotel heet de Heerlijkheid van Ermelo. Ja je raadt het al, het hotel is in Ermelo. Het personeel is erg vriendelijk en helpt je erg goed. Toen ze ons voor de eerste keer naar een kamer hielpen, vond ik de weg daarna best snel. Heb je hulp nodig? Dan hoef je maar te bellen naar de receptie en ze staan voor je klaar. Het restaurant is erg goed en het personeel is klantvriendelijk. Het eten is ook erg lekker. De weg in het hotel is ook makkelijk te vinden. Als je het ontbijt op de kamer wil, dan regelen ze dat voor je. Dit hotel is erg geschikt voor mensen met een visuele beperking.

Twin Travel

Logo Twin Travel, vakantie visuele beperking

Twin Travel is een reisorganisatie die mensen met een visuele beperking helpt om op vakantie te gaan, waarbij je een hoop kan zien en beleven. Je reist met een groep blinden en slechtzienden, plus een even grote groep begeleiders. Tenzij je een eigen begeleider meeneemt, betaal je de helft van de reissom voor één van deze vrijwilligers, en jouw eigen vakantie helemaal. Dit is dus wel wat duurder, maar je beleeft wel wat. Ik ben zelf met een vriendin naar Ierland geweest, dit was erg mooi. In acht dagen tijd heb ik veel van Ierland gezien en gehoord. Je krijgt elke dag een andere begeleider, dus leer je ook weer andere mensen kennen. Het was een erg leuke en leerzame vakantie, dus ook een aanrader.

Slot

Dus nu weet je een beetje hoe mensen met een visuele beperking op vakantie kunnen gaan. Natuurlijk zijn er nog andere manieren, maar als ik die allemaal moet opnoemen wordt dit eerder een boek dan een blogpost. Wij kunnen dus best goed op vakantie, net zo goed als goed ziende mensen, met soms wat meer hulp en soms ook niet.

Dit artikel werd geschreven door Alex van der Sleen