Home » zelfstandigheid

Tag: zelfstandigheid

Foto van koffie op het terras

Als VIP op het terras

Geschatte leestijd: 3 minuten

Eindelijk, na een periode vol wind en regen lijkt de zomer even terug te zijn. De temperaturen gaan voorzichtig weer omhoog, de zon schijnt en we gaan weer steeds meer naar buiten. Wat mij betreft is dit dan ook DE tijd om een terrasje te pakken. Mijn woonplaats barst van de restaurants met terrassen en helemaal met dit lekkere weer ben ik daar dan ook regelmatig te vinden met familie of vrienden, genietend van een hapje, drankje en de gezellige sfeer. Ik krijg dan echt zo’n vakantiegevoel.

Goed voorbereid het terras op

Ik krijg wel eens de vraag of ik het niet lastig vind om mezelf zogezegd te kunnen redden op een terras. Ik zie immers enkel licht en donker, dus even de menukaart lezen of het personeel wenken is wel eens lastig. Gelukkig hebben de meeste restaurants de menukaart op hun website staan en vaak is deze wel redelijk toegankelijk voor de spraaksoftware die ik gebruik. Het gebeurt een enkele keer dat de menukaart als een afbeelding op de site staat en dan kan ik er logischerwijs niks mee. Dat vind ik jammer, want vaak bekijk ik de menukaart even voor ik op stap ga, zodat ik al een beetje weet wat ik kan verwachten en het voor mij dan makkelijker is om, eenmaal op het terras aangekomen, een keuze te maken.

De aandacht trekken van het personeel is voor mij echter wel een issue, want dit doe je over het algemeen door oogcontact te maken en laat ik daar nou niet zo goed in zijn. En nee, ik ben ook niet het type mens dat dan maar over het terras gaat zitten roeptoeteren dat hij nog iets wil eten of drinken. Gelukkig heb ik meestal wel iemand bij me met meer zicht dan ik, en weet ik inmiddels ook restaurants in de buurt te vinden waar de bediening vaak uit zichzelf naar je toe komt.

Het grote nadeel

Het is wel eens gebeurd dat ik met twee vrienden een terrasje wilde pakken en we bij een restaurant kwamen waar ik maar één keer eerder was geweest. Toen was de bediening niet zo vlot, maar dat was inmiddels al meer dan een jaar geleden, dus gaf ik ze het voordeel van de twijfel. Nou, dat heb ik geweten. We hebben ze welgeteld drie keer gezien, toen ze de bestelling op kwamen nemen, toen ze de bestelling brachten en ongeveer een uur later, toen we na diverse pogingen contact probeerden te krijgen maar op stonden om weg te gaan. Ja, toen wisten ze niet hoe snel ze naar ons toe moesten komen met de rekening. Nu denk je misschien, het was vast heel druk daar, dus wat een ongeduld, maar er waren maar liefst twee andere tafels bezet, dus daar lag het niet aan. Maar goed, ondanks die vervelende ervaring hadden we het wel gewoon gezellig met elkaar en daar gaat het uiteindelijk om, toch?

Tips voor zorgeloos non-visueel terrassen

Ben je zelf visueel beperkt en vind je het zogezegd een uitdaging om zonder hulp van iemand met goed zicht toch naar een restaurant te gaan? Voel je dan niet bezwaart om iets extra’s aan het personeel te vragen. Ik vraag bijvoorbeeld altijd of ze het vlees dat ik besteld heb willen snijden, omdat het voor mij nu eenmaal lastig is om dit zelf netjes te doen, helemaal als er behalve het vlees nog meer dingen op mijn bord liggen. Zo kan ik toch van mijn eten genieten, zonder dat het een complete chaos op mijn bord wordt. Ook is het een goed idee om van te voren de online menukaart van het restaurant te checken als die er is, zodat je alvast een beetje kunt bedenken wat je wilt eten en het personeel niet de hele menukaart hoeft voor te lezen.

Audiodescriptie, foto van vrouw met koptelefoon

Audiodescriptie, het luisteren naar beelden

Geschatte leestijd: 4 minuten

Dat blinde en zeer slechtziende mensen geen televisie kijken is een hardnekkig vooroordeel. Op zich valt er iets voor te zeggen, want als je een leuke film, serie of tv-programma kijkt speelt het zien van wat er gebeurt een heel grote rol. Veel mensen met een visuele beperking geven dan ook de voorkeur aan het luisteren van radio of podcasts, waarbij het hebben van slechte ogen geen nadeel oplevert. Toch ben ik persoonlijk een verstokt bingewatcher van verschillende series en pak ik, of pakte gezien de huidige omstandigheden, regelmatig een bioscoopje. En met mij laten genoeg anderen zich niet door hun beperkte visus weerhouden om tv te kijken. Je kunt samen met iemand die wel kan zien kijken en dan uitgelegd krijgen wat er gebeurt als dat onduidelijk blijft, je kunt het natuurlijk met je eigen fantasie invullen of je zoekt achteraf op wat er gebeurde. Maar tegenwoordig, sinds een aantal jaar, is er een nieuw fenomeen in opkomst: audiodescriptie. Deze toevoeging verrijkt de kijkervaring van blinden en slechtzienden enorm.

Hoe werkt audiodescriptie?

Misschien heb je het wel eens gezien als je op televisie een programma keek, de aankondiging van te voren dat het betreffende programma audiodescriptie biedt voor mensen met een visuele beperking. Je hoeft je dan geen zorgen te maken dat je hier iets van mee krijgt als je dit niet wilt of nodig hebt, want gebruikers van audiodescriptie kunnen dit voor zichzelf aanzetten via bijvoorbeeld een app. Eigenlijk is het concept best simpel: je kijkt een film of serie met oortjes in en via die oortjes vertelt een stem je, tussen de dialogen van het programma door, wat er in beeld gebeurt. Het is dus niet zo dat de beschrijvingen door de oorspronkelijke gesproken woorden heen gaan en je mist dus niets daarvan. Het is dan ook echt een kunst voor de schrijvers van teksten voor audiodescriptie om dit mooi tussen de gesproken woorden door te laten gaan. Ze kunnen dus niet te veel informatie geven omdat er maar weinig tijd voor is, maar het is wel belangrijk dat kijkers het belangrijkste mee krijgen. Gezichtsuitdrukkingen of gebaartjes van de acteurs kunnen worden beschreven, hoe mensen er uit zien of hoe de omgeving van de scène er uit ziet. Onderstaande video heeft audiodescriptie, voor als je een voorbeeld wilt zien en horen van hoe het werkt.

Het leuke van audiodescriptie is dat je soms als non-visuele kijker extra info mee krijgt. Je krijgt bijvoorbeeld eerder de namen van personages te horen om het verhaal begrijpelijk te houden. Dit gebeurt niet vaak, want het is natuurlijk niet de bedoeling dat er gespoild wordt, maar soms komt het voor.

Thuis en in de bioscoop

Audiodescriptie is op steeds meer plaatsen beschikbaar. Er bestaat een speciale app, Earcatch, waarmee je audiodescriptie voor een film of serie kunt downloaden voor je deze gaat kijken. Als je de film bijvoorbeeld op een televisie of tablet gaat kijken en je hebt die app op je telefoon, kun je met de microfoon van je telefoon de app laten luisteren en synchroniseren met het geluid van de films of serie. De app kan de audiodescriptie dan precies goed laten lopen met het geluid van het andere apparaat. Door oordopjes in te doen horen andere de beschrijvingen niet. Veel ziende mensen vinden het behoorlijk irritant om audiodescriptie te horen, aangezien ze de informatie dubbel krijgen. Vroeger werkte de app alleen met oortjes, maar tegenwoordig kun je ze ook uit laten, bijvoorbeeld als je alleen bent of met andere mensen die het niet goed zien. Earcatch werkt ook prima in een bioscoop.

Streamingdiensten als Netflix en Disney+ bieden tegenwoordig bij veel films en series ook de mogelijkheid om audiodescriptie aan te zetten. Je hebt dan dus geen aparte app nodig. Als audiodescriptie beschikbaar is kun je de optie vinden op dezelfde plek waar je taal en ondertiteling in kunt stellen. Je vinkt de optie aan, vaak is deze alleen beschikbaar in de originele taal van de serie of film, en kijken maar!

Ondanks dat ik nog restvisus heb, maak ook ik dankbaar gebruik van audiodescriptie. Toen ik het voor het eerst gebruikte, ging er een wereld voor me open. Toen realiseerde ik me pas hoe veel ik eigenlijk mis en hoe vermoeiend het kan zijn om tijdens het kijken hardgrondig na te denken over wat er nou gebeurt. Het leek net of mijn kijkervaring een extra dimensie kreeg. Opeens kreeg ik alles mee en hoefde ik niet aan mijn medekijkers te vragen wat er gaande was. Ik heb denk ik nog nooit zo ontspannen in de bios gezeten als toen. Dat ik niet meer zonder audiodescriptie naar iets zou kunnen kijken is echter een leugen. Op Netflix bijvoorbeeld wordt deze ondersteuning vaak alleen geboden in de originele taal van de film of serie, maar als er Nederlandse audio van deze serie beschikbaar is, geef ik de voorkeur daaraan. Niet omdat mijn Engels zo slecht is, maar vanwege mijn zwak voor Nederlandse nasynchronisatie. Als er dan dingen gebeuren die ik niet mee krijg, spoel ik soms tien seconden terug en schakel ik voor een kort moment om naar de originele taal met audiodescriptie. Een zeer eigenaardig gebruik van het medium, ik weet het, en ik denk dan ook dat niet veel mensen dit op die manier doen.

Stemrecht, foto van stembiljet met podloot

Ontstemd: een heel andere verkiezingsstrijd

Geschatte leestijd: 3 minuten

De afgelopen week stond in het teken van de Tweede Kamerverkiezingen. Ook ik heb, na lang wikken en wegen, het stembiljet met mijn voorkeur ingevuld. Dit heb ik echter niet alleen gedaan. Als de woongroep waar ik nu verblijf niet van die flexibele begeleiders had gehad, of als mijn moeder vier jaar geleden niet in de gelegenheid was geweest om met me mee te gaan, was mijn stem beide keren verloren gegaan. Ja, ongelofelijk maar waar, als je een visuele beperking hebt kun je in de meeste gevallen niet zelfstandig stemmen.

Wij hebben toch ook stemrecht?

Iedere wilsbekwame burger boven de achttien heeft het recht om te stemmen. Volgens het VN-verdrag is de overheid verplicht om iedere stemgerechtigde de mogelijkheid te bieden om te stemmen. Maar aangezien we nog steeds op een enorm papieren vel met minuscule lettertjes een klein rond vakje rood moeten kleuren is zelfstandig stemmen er voor veel blinden en slechtzienden niet bij. Dit leidt logischerwijs tot veel onvrede bij blinden en zeer slechtzienden. Dat blijkt al uit dit artikel van RTV Noord over een slechtziende man die uit principe zijn stempas verscheurde. Ik zou dit zelf niet snel doen, aangezien je dan je stemrecht verscheurt, maar ik snap de frustratie en onmacht erachter heel goed. Natuurlijk is het mogelijk om te gaan stemmen met een begeleider, maar zoals in bovengenoemd artikel ook wordt beschreven doet dat je stemgeheim teniet. Daarbij, met iemand in zo’n klein stemhokje gaan staan is in deze tijd natuurlijk niet al te raadzaam.

Oplossingen

Ik sluit dit enigszins sombere artikel graag af met de mogelijke oplossingen die dit probleem zouden kunnen wegnemen. Om te beginnen is er de stemmal, die het makkelijk maakt voor blinde en slechtziende stemgerechtigden om zelfstandig het juiste rondje in te kleuren. Onderstaande video beschrijft hoe deze stemmal werkt.

Wat mij betreft een prima oplossing, al vinden veel gemeenten het “te duur” om zo’n mal aan te schaffen voor het handje vol visueel beperkte inwoners dat ze hebben. Daarom waren er slechts in zo’n vijftig gemeenten deze mallen aanwezig. Wat mij best verbaasde was dat we in Ermelo niet zo’n mal hadden. Ermelo, mocht je het nog niet weten, is een gemeente met behoorlijk veel blinde en slechtziende inwoners. Er zijn best veel woongroepen in dit dorp en vaak kiezen de mensen die deze woongroepen verlaten er voor om te blijven hangen in het dorp waar ze al een leven hebben opgebouwd. Hoe dan ook, dit bracht de gemeente dus niet op het lumineuze idee om ook zo’n mal aan te schaffen. Ik denk dat het een hele waardevolle investering is om zo’n apparaat in gebruik te nemen. Daarbij, omdat het niet al te vaak gebruikt wordt, gaat het heel lang mee.

Zelf ben ik een groot voorstander van het idee om digitaal te stemmen, al is het alleen al vanwege de tonnen papier die het scheelt. Maar buiten dat, een digitale omgeving om je stem uit te brengen is een stuk makkelijker en goedkoper toegankelijk te maken, mits je weet wat je doet. Ik weet dat zoiets snel fout kan gaan, dat zo’n systeem gehackt kan worden en zo, maar er moet toch wel een manier zijn om het allemaal dicht te timmeren? Ik bedoel, als we zulke gevoelige zaken als bankieren, corresponderen met de belastingdienst en aanvragen indienen bij de gemeente al jaren online kunnen regelen, waarom dit dan niet? Gewoon lekker thuis je stem uitbrengen, nog coronaproof ook.

In het kader van optimistisch naar de toekomst kijken en het teleurstellende verleden achter je laten, zou ik graag een oproep aan onze, nog niet gevormde, regering willen doen. Lieve beleidsmakers. Als jullie je plek op de veroverde zetels eenmaal hebben ingenomen, vraag ik jullie aandacht graag voor het hierboven omschreven probleem. In jullie ogen is het misschien een klein probleem, maar een aanzienlijk deel van de bevolking worstelt hiermee. Stel je voor, duizenden en duizenden mensen die zichzelf in aanloop naar de verkiezingen de vraag stellen hoe en of ze wel kunnen stemmen, in plaats van op welke partij. Laat ons alsjeblieft de volgende verkiezingen niet in de kou staan, niet weer. Jullie willen toch zo graag dat iedereen die mag, gaat stemmen? Geef dan ook iedereen die mogelijkheid en breng deze verkiezingsstrijd, die iedere keer weer oplaait, tot een goed einde. Dank je wel!

Foto van robotstofzuiger

Opgeruimd staat netjes, blind of niet

Geschatte leestijd: 4 minuten

“Een opgeruimd huis is een opgeruimde geest.”
Met deze uitspraak ben ik het helemaal eens. Goed, er zijn genoeg mensen die zich fijn voelen in een gestructureerde chaos, maar dat geld niet voor mij. Ik ben het type mens dat na het eten meteen alle vuile vaat in de gootsteen zet en helemaal vrolijk word van een schoon en opgeruimd huis.

Van chaos naar structuur

Mijn ouders leerden me al van jongs af aan dat het erg belangrijk is om een schoon en net huis te hebben, juist als je een visuele beperking hebt. Niet alleen omdat je alles dan makkelijker terug kunt vinden, maar ook zodat je minder werk hebt om alles bij te houden. Ik was daar als kind niet erg van onder de indruk en mijn kamer was dan ook vaak een ware ontploffing. Toen ik ouder werd kwam ik er wel steeds meer achter dat ik beter mijn rust kon vinden als alles in mijn kamer een vaste plek had en hetgeen ik op dat moment niet nodig had gewoon netjes opgeborgen was, en niet ergens onder een kast of onder mijn bureau lag. Mijn moeder leerde me hoe ik zonder zicht toch zo goed mogelijk kon stofzuigen en afstoffen. Bij beiden is het het handigst om echt een beginpunt te hebben en daar systematisch steeds verder vandaan te werken, zodat je zo min mogelijk stukken overslaat. Zo deed ik stukje bij beetje steeds meer zelf.
Nu ik zelfstandiger woon ben ik heel blij dat ik de boel zelf schoon kan houden. Dat is ook niet zo moeilijk, omdat ik heel klein behuisd ben. Maar als ik over een tijdje groter ga wonen is het wel handig als ik huishoudelijke hulp krijg, want ik zie nog wel eens het één en ander over het hoofd en ik wil niet het risico lopen dat als ik van huis ben, de muizen letterlijk op de tafel dansen.

Robotstofzuiger

Stofzuigen zonder zicht is zeker niet onmogelijk, echter is de kans wel groot dat je na verloop van tijd in de war raakt. Want was je nou al wel of niet in dat hoekje geweest, en ligt er echt geen viezigheid meer onder de tafel? Voor dit soort issues is wat mij betreft een robotstofzuiger echt de oplossing. Deze heb je in diverse soorten en maten en dus ook in verschillende prijsklassen. Zelf heb ik de iRobot Roomba 605, één van de simpelste stofzuigers van dit merk. Deze is dus niet te bedienen via een app, of aan te sturen met bijvoorbeeld de Google assistent of Alexa.
Ik merk zeker verschil tussen mijn stofzuigkunsten en die van de robotstofzuiger. Waar ik voorheen nog wel eens vuil op de vloer tegenkwam, is dat nu gewoon verdwenen. De gewone stofzuiger pak ik er enkel nog bij om de plekken schoon te krijgen waar de robotstofzuiger niet bij kan komen.

Helaas zijn er ook wat nadelen te noemen bij een robotstofzuiger. Zo moet je telkens je eetkamerstoelen weghalen als je wilt dat de stofzuiger ook onder de tafel komt en is het raadzaam om stekkers en snoeren die op de grond liggen zo goed mogelijk weg te werken, om te zorgen dat de stofzuiger er niet mee aan de haal gaat. Je kunt hiervoor trouwens ook een zogeheten virtuele muur gebruiken. Dat is een apparaatje dat je voor de plek zet waar de stofzuiger niet mag komen. Doormiddel van verschillende standen kun je het bereik van de virtuele muur groter of kleiner maken. Handig toch?

Het onderhoud aan de stofzuiger zelf is volgens mij ook iets meer werk dan een normale stofzuiger. Aan de onderkant zitten bijvoorbeeld een aantal borstels die de vloer schoon moeten maken. Veel van het vuil komt netjes in het daarvoor bestemde bakje terecht, maar soms blijft er nog wel eens iets achter in de borstels. Daarom is het wel handig om deze ook zelf regelmatig een schoonmaakbeurt te geven, helemaal als je huisdieren hebt.

Geen dagelijkse bezigheid

Goed, genoeg gezwetst over die robotstofzuiger, anders lijkt dit artikel zo langzamerhand meer op een review voor een elektronica site dan op een EyeOpener.
Je denkt nu misschien dat ik elke dag loop te poetsen en dat alles in m’n huisje blinkt en glimt als een spiegel. Dat laatste zou natuurlijk ideaal zijn, maar ook ik ben gewoon een mens en heb inmiddels geleerd dat één dag in de week schoonmaken echt voldoende is om het netjes te houden, zeker als je zo klein woont als ik. Zo wordt het niet te dwangmatig en blijft het toch netjes, mocht er onverwacht visite komen. En eerlijk is eerlijk, stiekem hoop ik dat ik in de verre toekomst ooit nog eens de trotse eigenaar word van een huishoudrobot. Je weet wel, zo’n robot uit sciencefiction verhalen die je hele huis schoonmaakt, zodat wij nog meer tijd overhouden voor andere dingen

Gezellige groepsfoto: begeleid wonen

In groepsverband: de ins en outs van begeleid wonen

Geschatte leestijd: 5 minuten

Ongeveer vijf jaar geleden kwam bij mij het besluit om zelfstandiger te willen wonen. Ik woonde toen nog bij mijn ouders en zat nog op het voortgezet speciaal onderwijs (VSO,) ongeveer een uur rijden bij mijn ouders vandaan. Vrienden van mij woonden op een woongroep op het schoolterrein, dus wilde ik daar natuurlijk ook graag heen. Goed, ik wist waar ik wilde wonen, nu nog de juiste stappen zetten om het voor elkaar te krijgen.

In het begin

Na diverse gesprekken met maatschappelijk werk, een rondleiding op de bewuste woongroep en heel wat geharrewar met de gemeente was het dan eindelijk (een jaar later) geregeld. Er was alleen een klein probleem, de groep ging dicht en alle bewoners werden verdeeld over andere groepen. Er was daardoor voorlopig geen plaats meer voor nieuwe bewoners, dus ik moest nog even geduld hebben. Inmiddels zat mijn tijd op het VSO erop en startte ik met een leer/werktraject op een school in Gelderland. Gelukkig was daar in de buurt wel een plek op een geschikte woongroep vrij, dus eindelijk kon ik na lang hopen en wachten verhuizen. Van de gemeente, die voor mij min of meer het begeleid wonen betaalde, mocht ik vier dagen in de week blijven. De rest van de week ging ik terug naar mijn ouders. Dat voelde voor mij in het begin best raar, alsof ik in twee werelden leefde. Het duurde daardoor ook langer voor ik helemaal gewend was aan mijn nieuwe woonomgeving. Gelukkig kwam na een paar maanden het verlossende woord, ik kreeg een indicatie wet langdurige zorg (WLZ). Dit houdt kort gezegd in dat ik zo lang als nodig is binnen de instelling kan blijven wonen. Ik was en ben daar heel blij mee, ik kon daar nu echt een toekomst opbouwen.

Een thuis, geen tehuis

Bij een woongroep zien mensen toch heel snel een soort van ziekenhuisachtig gebouw, ergens ver weg in de bossen voor zich. Aan de ene kant niet heel onterecht, want veel woongroepen waren vroeger ook zo. Gelukkig is dat tegenwoordig een heel stuk minder het geval en staat de woongroep waar ik woon dus ook gewoon midden in een woonwijk. Ook binnen is het alles behalve klinisch. De gemeenschappelijke woonkamer ziet er bijvoorbeeld gewoon uit als de gemiddelde woonkamer, ook zonder hufter proof meubels, want ja, die hebben we niet nodig. Er wonen bij ons enkel mensen met een visuele beperking en we lijden ook niet aan het sloopsyndroom. Nou ja, behalve ik dan in een onhandige bui. Ook nu met de feestdagen in het vooruitzicht wordt alles weer extra gezellig gemaakt, zowel door de begeleiding, als door ons als bewoners. Sowieso hoeft er bij ons niet altijd een reden te zijn voor een gezellige borrel, het weekend is Al een hele goede reden. Toch zijn het kerstdiner en het zomerfeest toch wel de grootste happening en haalt iedereen alles uit de kast om er een gezellige en geslaagde avond van te maken.

Ook mindere kanten

Natuurlijk heeft het wonen op een groep ook z’n mindere kanten. Ik kom uit een rustig gezin, dus was het vooral in het begin erg moeilijk om niet meteen gillend weg te rennen als de groepsdrukte z’n hoogtepunt bereikte tijdens bijvoorbeeld het inruimen van de vaatwasser. Dit komt ook doordat ik door mijn tweede beperking moeilijk tegen stress en drukte kan. Gelukkig zijn mijn huisgenoten en de begeleiding hiervan op de hoogte en ben ik hierin ook wel gegroeid. Ook zijn er natuurlijk bepaalde regels waar je je aan moet houden en met sommige van deze regels ben ik het nog steeds niet helemaal eens, maar gelukkig is er in goed overleg heel veel mogelijk. Ook zorgt het door de organisatie opgelegde coronabeleid voor de nodige spanningen. Maar goed, hopelijk kunnen we dat binnenkort vaarwel zeggen.

Leerdoelen

Op veel woongroepen leer je hoe je zo zelfstandig mogelijk kunt wonen, zo ook op de groep waar ik woon. Je stelt eens in de drie maanden met de begeleiding dingen op die je graag wilt leren, de zogeheten leerdoelen. Deze doelen kies je zelf en als een doel niet is bereikt binnen de drie maanden verlengen ze het net zo lang tot je het helemaal onder de knie hebt. Ik ben wel blij dat dat zo kan, want een doel als bijvoorbeeld leren koken bereik je echt niet binnen drie maanden. Omdat de groep qua mensen nogal groot is kook ik eens in de twee weken. Ik maak dan ook steeds hetzelfde gerecht tot ik de meeste stappen zelf kan uitvoeren. Ik vind deze manier van leren koken erg fijn, want zo kan je op je eigen tempo een gerecht maken en blijven alle handelingen ook beter in je hoofd zitten. Het enige nadeel is wel dat je steeds hetzelfde eet, daarom probeer ik vaak te kiezen voor een gerecht dat qua smaak gevarieerd is. Ik schrijf ook altijd alle stappen op tijdens het koken, zodat ik dat weer kan gebruiken voor later.

Huizenjacht

Inmiddels woon ik bijna vier jaar op deze woongroep en ben ik heel wat zelfstandiger en ook mobieler geworden. Ik ben nu dan ook toe aan de volgende stap: een eigen huis. Het liefst zou ik in mijn huidige woonplaats willen blijven wonen, omdat ik daar helemaal gesetteld ben en dit gewoon een hele fijne omgeving is voor mensen met een visuele beperking. Helaas is het vanwege de woningnood bij de sociale huurwoningen nog niet zo makkelijk om een geschikt huisje te vinden. Ik sta ook op de wachtlijst voor een appartement binnen de organisatie waar ik nu woon, maar ook daar is het nog niet duidelijk wanneer ik aan de beurt ben. Maar goed, komt tijd, komt raad, zullen we maar zeggen.

Tot slot

Ik ben nog altijd heel blij dat ik voor begeleid wonen gekozen heb. Het heeft mijn wereld echt vergroot, zowel op het gebied van zelfstandig wonen als op sociaal gebied. Er bestaan helaas best wel wat vooroordelen over begeleid wonen, zoals dat we betutteld worden en dat we er de rest van ons leven doorbrengen, terwijl we ons er juist ontwikkelen. Ik snap ook zeker dat niet iedereen het ziet zitten om naar een compleet andere omgeving te verhuizen. Toch zou ik de mensen met een (visuele) beperking die hier over twijfelen wel echt aanraden om een keer bij een huis voor begeleid wonen, of bij voorkeur meerdere huizen te gaan kijken. Zo Kan je echt goed kijken en vergelijken of het iets voor je is, want elke groep is ook niet even groot en overal hebben ze weer verschillende manieren om dingen aan te leren.

GIF non-visueel koken

Tips en trucs voor non-visueel koken

Geschatte leestijd: 17 minuten

Voor veel mensen met een visuele beperking, en helemaal als je (zoals ik) volledig blind bent, kan koken erg moeilijk zijn. Ik ben nu sinds een half jaar actief bezig om non-visueel te leren koken. Hiermee hoop ik dat ik een stuk zelfredzamer kan worden en dat ik ook eens kan zeggen: “mama, ik kook vanavond.” Ik heb de vaardigheden die ik nu al beheers niet geleerd bij begeleid wonen of iets soortgelijks, maar gewoon thuis van mijn moeder. Zij kent me natuurlijk het best en weet hoe ze me dingen moet aanleren. Vaak komt ze ook met handige en soms verrassende tips waar andere mensen niet zo gauw aan zouden denken. Zelf heb ik ook enige handigheidjes ontdekt die sommige dingen die erg lastig lijken toch een stuk makkelijker kunnen maken.

Kook- en baktips

Ik heb hieronder een aantal tips en handige hulpmiddelen voor in de keuken op een rijtje gezet. Hopelijk worden het er meer als ik beter met potten en pannen leer werken. Ik zal het allemaal zo goed mogelijk proberen uit te leggen, maar soms zal het misschien een beetje omslachtig klinken. De tips zijn vanuit mijn oogpunt, dus zicht speelt hier eigenlijk geen rol. Alvast heel veel lees en daarna kookplezier.

Appels schillen

Voor het schillen van appels heb ik een heel eenvoudig trucje ontdekt. Schil eerst met je dunschiller een strook van boven naar beneden over de appel. Ga dan vanuit het midden van de vrijgemaakte strook rondom de hele appel. Doe dit ook aan de boven en onderkant. Zo heb je in vier halen het grootste gedeelte van de schil verwijdert en hoef je alleen nog maar de kleine overgebleven stukjes weg te schillen.

Het eigeel van het eiwit scheiden

Er bestaat een speciaal apparaatje waarmee je eieren kunt scheiden. Er zijn ook mensen die het doen met twee lepels, maar ik heb een heel eenvoudig trucje dat zeker geschikt is om te gebruiken als je het niet ziet. Waarschuwing, je moet er wel vieze handen voor over hebben. Sla het ei in het midden kapot boven een kommetje, zodat er een barst in komt. Laat het rauwe ei op je ene hand lopen. Houd dan je vingers een klein stukje van elkaar. Je zult nu merken dat het eiwit tussen je vingers uitdruipt en uiteindelijk hou je alleen het eigeel nog in je hand. Hoe makkelijk is dat.

Gehaktballen toevoegen aan je soeppan

Zorg eerst dat je een warmte vaste klem of zelfs een nat washandje aan de handgrepen van je pan hebt hangen. Zo heb je een oriëntatiepunt waaraan je kan zien waar je pan is. Zet het bord met gehaktballen zo dicht mogelijk naast het fornuis neer en vul dan een diepe soeplepel met de gehaktballen. Breng dan, met je oriëntatiepunt en je soeplepel als taststok, de lepel boven je soeppan en laat hem dan zakken totdat je voelt dat hij onder water is. Draai de lepel dan horizontaal met de open kant naar je toe en keer hem dan voorzichtig om. Je voelt het als de gehaktballen eruit zijn gevallen. Nu kun je een volgende lading in de soep laten zakken. Laat alleen wel eerst je lepel afdruipen boven de pan alvorens je hem weer naar het bord verplaatst.

Beschuit smeren

Beschuit smeren is in mijn ervaring soms erg lastig, omdat het oppervlak waar je op moet smeren hard is. Dit is wederom een handigheidje waarvoor je een beetje vieze handen moet overhebben, maar het is wel makkelijk. Leg in het midden van je beschuitje een klontje boter. Smeer het met een mes een beetje uit zodat het op één punt tot de rand komt. Leg dan de wijsvinger van je niet-dominante hand op het beschuitje en laat je vingertop het klontje boter in het midden raken. Draai met je andere hand het beschuitje zodat je de boter over het hele oppervlak kunt verdelen. Je voelt het als ergens te veel of te weinig boter zit. Op deze manier krijg je natuurlijk wel een vieze hand, maar ook een perfect gesmeerd beschuitje. Dit trucje kun je trouwens ook gebruiken voor ander smeerbaar broodbeleg zoals chocolade pasta of jam. Ook kun je dit trucje gebruiken om brood te smeren, al vind ik dat persoonlijk makkelijker met een mes. Een cracker is denk ik het lastigst om te smeren, omdat dat meestal een rechthoek is en je niet zoals bij een beschuitje rond kunt gaan.

Een deegbodem verdelen in een bakvorm

Je leest wel eens in een recept dat wanneer je bijvoorbeeld een zanddeegbodem in een bakvormmoet maken, je de deegbal tot een passende plak moet uitrollen en die dan in de vorm moet leggen. Of er staat bijvoorbeeld: Druk het deeg plat met de bolle kant van een lepel. Er zijn een aantal redenen waarom ik deze manier niet erg handig vind voor mensen met een visuele beperking. Ten eerste, je kan niet zien hoe groot je deegplak moet zijn. Ten tweede, blijft er vaak deeg aan je deegroller plakken of is je plak niet overal dezelfde dikte. En ten derde, als je de plak moet optillen om hem in je vorm te leggen, scheurt hij negen van de tien keer. Ook met een lepel vind ik het niet handig werken, omdat je geen controle hebt over wat je doet en als je een kruimelbodem maakt druk je vaak met de lepel de bodem kapot. Ik heb een veel handiger trucje. Het vergt misschien wat meer werk, maar dan heb je ook een mooie bodem. Neem hiervoor de deegbal in je hand en duw hem plat, maar niet zo plat dat hij kan scheuren. Maak er een soort platte burger van. Leg hem in het midden van je vorm en begin hem dan verder plat te duwen. Het is het handigst als je eerst net zoals bij het beschuit smeren, een punt op de rand van je vorm opzoekt. Als je dat punt hebt gevonden heb je een soort lijn waarna je de rest van het deeg kan gaan uitduwen. Als je ergens niet helemaal tot de rand komt, voel je de bodem af naar een plek waar hij dikker is dan op andere plaatsen. Als je die plek hebt gevonden, zetje de onderkant van je hand net achter dat gedeelte en maak je een soort loop beweging met je hand. Het is een beetje moeilijk uit te leggen zo, maar als je er eenmaal de handigheid in krijgt snap je wel wat ik bedoel. Zo loop je eigenlijk met het teveel aan deeg naar de plek toe waar het nodig is en kun je hem opvullen. Als je denkt dat je het deeg goed verdeeld hebt, kun je met je vinger langs de rand gaan om te kijken of het deeg overal tot aan de rand komt. Dan leg je je hand plat in de vorm en zo kun je voelen of er nog grove ongelijkheden zitten en kun je deze uit het deeg halen en glad strijken. Dit werkt ook goed met een kruimelbodem, al moet je daar iets voorzichtiger zijn zodat de bodem niet kapot gaat. Je kunt ook om taart of zanddeeg gladder te maken het bestrijken met een beetje ei, water of melk. Dan strijk je de overgebleven oneffenheden makkelijk glad. Zo glad als wanneer je het met een deegroller uitrolt krijg je het nooit, maar je hebt nu wel een mooie gelijke bodem die precies in je vorm past.

Groente, fruit etc. in blokjes snijden

Als je groente, fruit of ander voedsel in blokjes wilt snijden, heb ik daar een heel makkelijk trucje voor. Hierbij geldt wel dat je het eerst even in je vingers moet krijgen, maar als je het eenmaal weet snijd je als een chef-kok. Als voorbeeld neem ik even een appel. Als je het klokhuis hebt verwijderd, snijd je de appel eerst in reepjes met de dikte van de blokjes die je daarna wilt snijden. Leg een reepje verticaal op de snijplank. Plaats je wijs en middelvinger op het reepje appel en je duim tegen het uiteinde dat het dichtst bij je ligt. Je kan nu het mes op het reepje zetten en met je duim ongeveer voelen hoe groot je het blokje maakt. Snij het reepje dan door op de plek die je hebt gekozen en schuif vervolgens het afgesneden gedeelte met je duim opzij. Je wijs en middelvinger zorgen ervoor dat het overgebleven reepje op zijn plaats blijft liggen. Als je het afgesneden blokje hebt weggeschoven, plaats je je duim opnieuw tegen het uiteinde en herhaal je het proces. Ik garandeer je, als je dit trucje eenmaal kent heb je binnen no time je appel of wat je dan ook wilt snijden in blokjes gehakt.

Zaadlijsten verwijderen uit een paprika

Voor het verwijderen van de zaadlijsten uit een paprika bestaat een heel makkelijk trucje. Allereerst zal ik even uitleggen, voor de mensen die het niet weten hoe een paprika er van binnen uitziet. Een paprika is hol van binnen. De zaadlijsten zitten vast aan het steeltje dat je aan de buitenkant voelt. Ze hangen dus als het ware los in de paprika. Als je nu de paprika net naast het steeltje doormidden snijdt, heb je twee holle helften en in de ene helft hangen de zaadlijsten. Als je je vinger nu achter de zaadlijsten haakt, kun je alle zaadjes met steeltje en al er in één keer uitwippen. Voor het beste resultaat moet je de paprika nog wel even afspoelen om alle zaadjes eruit te krijgen, want die dingen blijven nog wel eens plakken. Dan zitten er nog witte gedeeltes in de paprika die niet zo lekker zijn om te eten. Deze kan je herkennen omdat ze zachter aanvoelen dan de rest van de paprika. Je kunt ze er met een mes uithalen, maar je kan ook met je mes een klein beginnetje maken en de rest van het witte daarna met beleid lostrekken.

Cake uit de bakvorm halen

Als je een cake hebt gebakken, gebeurt het nog wel eens dat wanneer je de vorm omkeert, de cake er niet vanzelf uitvalt. Je moet dan eerst de zijkanten van de cake lossteken met een mes. Om te voorkomen dat je in je cake snijdt, moet je goed opletten, zeker als je het niet goed ziet. Steek eerst je mes tussen de zijkant van je cake en de bakvorm. Houd je mes nu een beetje schuin, zodat de snijkant van je mes wat meer tegen de binnenkant van de bakvorm aandrukt. Maak vervolgens snijbewegingen, ga op en neer met je mes, terwijl je de kant waarmee je snijdt steeds stevig tegen de bakvorm drukt. Op deze manier snij je nooit in je cake. Doe dit bij alle kanten van de bakvorm. Wedden dat je cake er dan zo uit valt? Je kan dit trucje natuurlijk ook gebruiken bij een taart die nog in de bakvorm zit en het is ook zeker aan te raden eerst de kanten los te steken, als je te maken hebt met een springvorm.

Extra tip: Vet altijd je bakblik goed in voordat je er iets in gaat bakken.

Bakpapier

Voor veel mensen met een visuele beperking zal het recht afknippen van bakpapier een moeilijke opgave zijn. Hier volgen enkele tips om ervoor te zorgen dat ook jij je bakplaat of bakvorm goed met bakpapier kan bedekken. Ten eerste is het goed om te weten dat het niet zo handig is om een rol bakpapier te kopen. Ik bedoel een rol aan één stuk. Er zijn ook rollen bakpapier te koop die al in stukken geknipt zijn, net zoals een rol vuilniszakken bijvoorbeeld. Je trekt er gewoon een vel af en je hoeft je geen zorgen meer te maken over scheef afgeknipte vellen.

Als je wel een rol bakpapier aan één stuk gebruikt is het handig om op het stuk dat je wilt afknippen iets zwaars neer te zetten, zodat het recht blijft liggen en niet verschuift, bijvoorbeeld een pak bloem of een snijplank. Houd dan met je ene hand de rol vast en schuif de schaar aan de ene kant tussen het bakpapier op het punt waar je het wilt afknippen. Houd de rol goed vast en knip langs de rol, zodat je zo recht mogelijk knipt. Het is niet ideaal, maar wel een goede manier om bakpapier zo recht mogelijk af te knippen. Je kan dit trucje ook gebruiken bij bijvoorbeeld cadeaupapier.

De bakplaat

Als je een bakplaat wil bekleden met bakpapier, leg je eerst het afgeknipte stuk of een vel bakpapier op de plaat en zet er dan weer wat zwaars op. Meestal is je stuk papier te groot voor de bakplaat, je moet het dus gaan bijknippen. Leg de linker zijkant van het papier zo dat het precies in de linker boven hoek van je bakplaat ligt. Houd het zo vast met het zware voorwerp. Vouw nu de rechter zijkant naar binnen. Dit kan je heel recht doen omdat je langs de rand van je bakplaat kan vouwen. Maak een scherpe vouw die goed voelbaar is. Nu kan je het papier langs de vouwlijn afknippen en past het precies op de plaat. Doe hetzelfde met het uitstekende stuk papier aan de onderkant van de plaat.

Bakpapier in een springvorm

een springvorm bekleden met bakpapier is super makkelijk. Als je dit handigheidje nog niet kent, sla je je waarschijnlijk voor je hoofd omdat je er zelf niet op gekomen bent. Maak de rand van de springvorm los van de bodem. Leg nu een vel bakpapier over de bodem van de vorm en let goed op of deze helemaal bedekt is. Zorg dat er geen kreukels in zitten en dat het bakpapier aan alle kanten uitsteekt. Plaats nu de rand van de springvorm weer op de bodem en maak hem vast. Zo is je bodem netjes bedekt met bakpapier en hoef je alleen nog maar het overtollige papier aan de buitenkant weg te knippen.

Vlees bakken

Je hebt misschien wel eens gehoord dat als je een klontje boter smelt op hoog vuur en het sissen wordt minder, dat dan je boter goed genoeg is verwarmd om te gebruiken. Ook een bekende truc is om als je olie verwarmd, een kleine druppel water in je pan te laten vallen. Als de olie dan begint te sissen is hij goed. Allemaal leuk en aardig, maar hoe weet je wanneer je je vlees moet omdraaien of wanneer je vlees gaar is? Nou, volgens mij heb ik nu een handigheidje gevonden dat sommigen waarschijnlijk wel zullen kennen, maar desalniettemin erg handig is. Als je vlees wokt, bijvoorbeeld varkenshaas, verwarm je eerst de wok olie. Als je dan het vlees in de pan doet begint het heftig de sissen. Nu ga je het vlees omscheppen, zodat het aan alle kanten gebakken wordt. Als het sissen steeds minder wordt en uiteindelijk bijna is gestopt, is je vlees gaar. Dit geldt ook als je je vlees in boter bakt, bijvoorbeeld shoarma, of gehakt dat je rul wilt bakken enzovoort. Ook kun je dit handigheidje gebruiken als je vlees aan één stuk bakt, bijvoorbeeld een kipfilet of een hamburger. Als het sissen minder wordt is die kant van je vlees dichtgeschroeid en kun je hem dus omdraaien.

Groente of vlees toevoegen aan een hete pan met boter of olie

Je kent ze misschien wel, snijplanken die je aan de zijkanten omhoog kan klappen zodat je je groenten of vlees makkelijk in de pan kan schuiven. Klinkt makkelijk, maar hierbij heb je twee handen nodig en dat is niet makkelijk voor mensen met weinig zicht, omdat je je dan niet goed kunt oriënteren waar je pan is. Althans dat is mijn ervaring. Ik heb een betere manier geleerd.

Foto van een Griekse schotel
Een Griekse schotel met patat, kip en groenten

Gebruik ten eerste als je stukjes groente en/of vlees wil wokken altijd een wok-hapjespan. Die hebben een hoge rand zodat je de inhoud minder snel over de rand kunt scheppen. Zorg er ook weer voor dat het bord of de schaal met ingrediënten vlakbij het fornuis staat. Als je nu de boter of olie goed hebt verwarmd, zet je het vuur laag. Dat geeft je meer tijd om je ingrediënten in de pan te doen. En nu komt het, gebruik een draadspaan. Dit lijkt een beetje op een ronde lepel met een lange steel, alleen is de binnenkant van de lepel een soort ijzeren netje. Het wordt ook wel gebruikt om oliebollen uit het vet te scheppen, omdat het overtollige vet er door dat netje makkelijk afdruipt. Als je dus het vuur laag hebt gezet, vul je de draadspaan met de groente of wat je dan ook aan je pan wilt toevoegen. Houd met je ene hand de steel van je pan vast en voel met de draadspaan waar de pan is. Als je de draadspaan in je pan zet gaat de boter of de olie sissen omdat een gedeelte van de ingrediënten al contact maakt. Je weet nu dat je goed zit en je kunt nu de draadspaan omdraaien. Laat deze nu eerst uitdruipen en sla voor alle zekerheid met de zijkant van de steel tegen de rand van de pan. Nu kan je een volgende lading opscheppen. Omdat je met één hand het eten in de draadspaan moet leggen, is het ook handig als je naast het fornuis een nat doekje neerlegt, zodat je je handen zo nu en dan kunt afvegen. Let er trouwens bij het omscheppen ook op dat je groente of vlees niet allemaal aan één kant van de pan belandt. Ga hiervoor af en toe met je omscheplepel langs de rand van de pan om te controleren of er nergens iets overheen dreigt te vallen.

Thee inschenken

Je hebt vast weleens gehoord van zo’n apparaatje dat je in een glas kunt hangen en dat gaat piepen als het glas vol is. In mijn ervaring zijn die dingen niet echt handig. Bij koude dranken hou ik meestal gewoon een vingertop in het glas en voel wanneer het vol genoeg is. Thee is natuurlijk een ander verhaal. Niemand houdt voor de lol zijn vinger in kokend water. Toch kan je zonder zo’n apparaatje makkelijk thee inschenken als je goed oplet. Gebruik als eerste een theekan of waterkoker met een voelbaar randje onderaan de schenktuit. Ook is het handig om vlak naast een wasbak in te schenken. Als je knoeit heb je namelijk koud water dichtbij en je kunt de waterkoker of theepot, die meestal hoger zijn dan een kopje in de wasbak laten zakken, zodat ze op gelijke hoogte zijn. Zo hoef je de theepot niet gelijk schuin te houden en is de kans op knoeien verminderd. Dit kan natuurlijk ook met een melkpak of bijvoorbeeld een fles frisdrank. Houd dan met je ene hand het kopje vast en ga met de kan op en neer over de rand van het kopje, totdat je het randje onderaan de schenktuit voelt. Zo heb je een steunpunten loop je niet het gevaar dat je kokend water over je hand laat lopen, omdat de bovenkant van de tuit gegarandeerd boven het kopje zit. Nu kun je gaan gieten. Doe dit voorzichtig en niet te snel. Voel af en toe aan de buitenkant van het kopje. Je voelt dat een gedeelte van de buitenkant warm wordt en de rest niet. Zo kan je voelen tot waar het glas vol is. Dit is niet heel erg precies, omdat op een gegeven moment toch het hele kopje warm wordt, maar als je hier handigheid in krijgt kun je zonder moeite en zonder extra hulpmiddelen thee inschenken.

Enkele handige hulpmiddelen

Hieronder heb ik nog een paar keuken-hulpmiddelen die voor mij handig zijn gebleken op een rijtje gezet. Ik geef bij elk hulpmiddel een korte uitleg. Hopelijk werken ze ook voor jou.

Panvergiet

Hiermee bedoel ik een vergiet dat je in je pan kunt zetten, voordat je aardappelen of groente gaat koken. Als je dan wilt afgieten zet je gewoon de pan in de wasbak en tilt het vergiet eruit. Voor mij in ieder geval een stuk minder gedoe en het is nagenoeg onmogelijk dat je heet water over je heen krijgt.

Kookverklikker

Een kookverklikker is een schijfje met een dikke rand dat je in de pan legt als je gaat koken. Als het water kookt gaat hij klepperen. Sommige mensen gebruiken hiervoor ook wel een schoteltje. Het kan ook zijn dat je dit hulpmiddel kent onder de naam melkwacht.

Brede spatel voor het omdraaien van pannenkoeken

Pannenkoeken omdraaien blijft een kunst op zich en helemaal als je het niet ziet. Hoewel ik er nog niet zo handig in ben heb ik wel een makkelijk hulpmiddel gevonden, een soort spatel met een breed, plat vlak, die je makkelijk onder je pannenkoek kunt schuiven. Zo ligt een groot deel van je pannenkoek al op de spatel en wordt het omdraaien makkelijker. Ook vouw je je pannenkoek nu minder snel dubbel. Of het ook voor gebakken eieren werkt moet ik nog uitproberen.

Klemlepel voor het omdraaien van vlees

Klemlepels zijn eigenlijk twee spatels die met de uiteinden aan elkaar vastzitten en met een scharnier uit elkaar en tegen elkaar aan kunnen worden geklapt. Je schuift dus de ene spatel onder het stuk vlees en klemt het vast met de andere spatel. Zo kun je het makkelijk omdraaien en is er eigenlijk geen kans dat het vlees van de spatel glijdt.

Maatschepjes

Maatschepjes vind ik erg handig in gebruik, gewoon omdat ze een opstaande rand hebben en de kruiden, bakpoeder of wat dan ook er niet afglijdt zoals bij een thee of eetlepel.

Antispatdeksel voor op een beslagkom

Het is je vast weleens gebeurd dat als je cakebeslag of slagroom aan het mixen bent, het beslag over de rand van de kom spat of de bloem begint de stuiven. Speciaal om dit tegen te gaan, bestaan er beslagkommen met zogenaamde antispatdeksels. Dit is een deksel die je op de beslagkom vastklikt. In het midden zit een gat waar je de mixer doorheen in de kom kunt zetten. Zo is het spatten met beslag tot een minimum beperkt of je moet wel heel erg wild mixen.

Nicer Dicer plus

Dit is een apparaat dat heel erg handig is om grote hoeveelheden groente te snijden. Het is een rechthoekige bak waar een speciaal soort deksel op zit. Als je het deksel openklapt, zit er een soort houder in waar je een roostertje in kunt vastklikken. Er zitten verschillende roostertjes bij, bijvoorbeeld voor het snijden van reepjes of plakjes, grote en kleine blokjes of partjes (bijvoorbeeld voor eieren.) Je legt gewoon een stuk groente op het roostertje en slaat het deksel dicht. Je slaat als het ware het stuk groente door het roostertje en voilà, het is gesneden. Zeker voor het snijden van ui of prei is dit hulpmiddel heel erg handig. Het is alleen wel een heel werk om dit apparaat weer schoon te krijgen, omdat er altijd wel wat tussen het roostertje of aan het deksel blijft hangen. Ik gebruik hem dan ook eigenlijk alleen als we gaan gourmetten, of als we stoofpot maken waar veel uien in moeten.

Voor het snijden van ui en prei heb ik trouwens nog een andere tip. Er bestaat een mesje waarbij aan het handvat vijf mesjes op een rijtje vastzitten. Zo kun je in één keer vijf plakjes ui of prei snijden. Het is nog altijd een gedoe met die losse ringen, maar het is toch wel makkelijker.

Tot slot

Ik hoop dat ik jullie heb kunnen helpen met deze kooktips. Ik vond het erg leuk om ze te schrijven en een manier te zoeken om ze zo duidelijk mogelijk uit te leggen. Mocht er iets nog niet helemaal duidelijk zijn, dan kun je me altijd vragen stellen. Dit kan via: redactie@eyeopeners.space, Facebook of Twitter. Als ik meer handigheidjes heb geleerd, schrijf ik er zeker weer een blog over. Tot dan alvast veel plezier met het uitproberen van deze trucjes en vooral eet smakelijk!

Dit artikel werd geschreven door Danique

Foto van verhuisdozen - eigen huis

Een eigen huis, een plek onder de zon

Geschatte leestijd: 3 minuten

De tijd van gaan is gekomen. Het was tijd om te gaan verhuizen. Eerst woonde ik begeleid, samen met een flink aantal huisgenoten. Op naar de volgende stap, een eigen huis. Een appartement met begeleiding op oproepbasis.

Zorgen voor jezelf

’s Ochtends stond ik op met het idee om wat broodjes klaar te maken voor onderweg. De zak was nog dicht, maar ik had geen idee wanneer ik de broodjes ook al weer had gekocht. Laten we er maar aan ruiken. Het rook op zich prima. Ook geen groene puntjes gezien. ’s Middags had ik wel zin in dat lekkere broodje met rookvlees en Boursain. Het smaakte een beetje vreemd. Ach, het was toch goed? Op naar het andere broodje. Toch nog maar een keer kijken dan. Daar waren de kleine boosdoeners die mijn moment van glorie aan het bederven waren. Bederven in de letterlijke zin, want het waren groene puntjes. Mijn maag draaide een paar rondjes, maar vervolgens kwam ik tot de conclusie dat ik in ieder geval met dat ene broodje, niet aan voedselverspilling heb gedaan. Toch mis ik op zo’n moment wel even een paar extra ogen die meekijken.

Een flinke upgrade

Kun je je voorstellen dat je eerst alleen een kamer had waar je alles in had staan, een douche en toilet deelde en vervolgens ineens een eigen huisje met een woonkamer, een slaapkamer, een eigen keuken en het meest bevrijdende van allemaal: een eigen toilet. Ik kon het me totaal niet voorstellen. Wat moet ik met deze ruimte? Heb ik überhaupt wel genoeg ruimte voor m’n spullen?

Het huis inrichten

Natuurlijk had ik genoeg ruimte voor alle spullen. Maar welke spullen had ik nog nodig? Zeg maar gerust: voor mijn gevoel een halve inboedel. Mijn eethoek was het eerste wat er in huis stond. Hoe gek het ook klinkt; een eethoek maakt voor mij een huis, een huis. Het voelde gelijk anders aan. De rest volgde al snel. Gelukkig waren er hele lieve mensen om me heen die wilde helpen.

Wanneer je gewend bent om alles in één kamer te proppen, doe je dat uit gewenning gewoon weer. Ik wilde een hoop van m’n spullen weer in m’n kamer neerzetten en in m’n kast stoppen. Deze kast fungeerde voorheen niet alleen als kledingkast, maar ook als snaaikast, elektronicakast en hobby/creativiteitskast. Er werd me gevraagd wat ik aan het doen was. Er was namelijk genoeg ruimte in huis. Na een paar seconden kortsluiting in m’n hoofd, besefte ik dat bepaalde gewoontes en gewenning er zo ingebrand kunnen zitten. En dat blijkt maar weer uit dit verhaal. Maar we waren er nog niet…

Inkopen doen

Het gaat hier om ‘simpele’ aankopen. Dingen die zo vanzelfsprekend zijn, dat je er gewoon niet op kan komen, zoals: een prullenbak. Misschien ben ik de enige die niet gelijk denkt aan een prullenbak hoor. Ik denk vaak als eerst aan een gevulde koelkast. Zout, peper, schoonmaakmiddelen, spatel, pollepel, knoflookpers, scherpe messen, pedaalemmer zakjes… Natuurlijk kan niet alles in één keer. Maar de basis is wel fijn om te hebben. Had ik maar gelijk gedacht aan een spatel. Dan hoorde ik m’n koekenpan nu tenminste niet huilen vanuit de kast om zijn beschadigde anti-aanbaklaag, omdat hij nogal ontdaan was van de ontmoeting met m’n ijzeren lepel.

Foto van een kustlijn

Op vakantie met een visuele beperking

Geschatte leestijd: 3 minuten

“Maar hoe red je je dan op vakantie?”
Deze vraag krijgen volgens mij vrij veel mensen met een visuele beperking. En toch, Als je visueel beperkt bent kan je ook prima op vakantie gaan. Vakantie is leuk, maar ook vermoeiend, helemaal met slecht zicht, dus kun je volgens mij het best kiezen voor een vakantieplek waar je alles kent.

De camping

Ik ben vaak als klein kind bij mijn opa en oma op de camping geweest. Die waren altijd erg bezorgd omdat er veel auto’s rijden. Dit zou voor gevaarlijke situaties kunnen zorgen, want ik zag ze immers niet. Je kunt ze echter wel goed horen, dus was er bijna geen gevaar. Uiteindelijk liep ik zelfstandig over de camping, ik vond dit altijd geweldig. De camping is voor mij al een vakantie. Lekker zwemmen, lopen en ik vond de oudere mensen altijd erg gezellig. Als je je afvraagt of ik daar ook met kinderen van rond mijn eigen leeftijd omging, dan is mijn antwoord, ja zeker. Ik had een beste vriend, met hem speelde ik veel. Nu zoveel jaren later ga ik nog steeds graag naar deze camping, ik ging hier laatst ook met een goede vriendin naartoe. Zij is blind en ik slechtziend. Wij redde ons hier erg goed, want als je zoals ik in een woongroep woont, leer je om zelfstandig te leven. Mijn moeder gaf ons eten mee, en dezelfde dag dat wij daar aankwamen hadden we nog wat extra boodschappen gedaan. Ook is er vlak bij de camping een restaurant dat ik makkelijk kan vinden, waar we een paar keer zijn gaan eten. Zo konden we lekker eten, zonder dat we veel hulp hoefden te vragen. Omdat ik daar al goed de weg ken gingen wij bij mijn opa en oma op bezoek, en zij hielpen ook als het nodig was.

Het hotel

Er zijn ook andere mogelijkheden om op vakantie te gaan, zoals in een Hotel. Ik ben naar een hotel gegaan met iemand, dit hotel heet de Heerlijkheid van Ermelo. Ja je raadt het al, het hotel is in Ermelo. Het personeel is erg vriendelijk en helpt je erg goed. Toen ze ons voor de eerste keer naar een kamer hielpen, vond ik de weg daarna best snel. Heb je hulp nodig? Dan hoef je maar te bellen naar de receptie en ze staan voor je klaar. Het restaurant is erg goed en het personeel is klantvriendelijk. Het eten is ook erg lekker. De weg in het hotel is ook makkelijk te vinden. Als je het ontbijt op de kamer wil, dan regelen ze dat voor je. Dit hotel is erg geschikt voor mensen met een visuele beperking.

Twin Travel

Logo Twin Travel, vakantie visuele beperking

Twin Travel is een reisorganisatie die mensen met een visuele beperking helpt om op vakantie te gaan, waarbij je een hoop kan zien en beleven. Je reist met een groep blinden en slechtzienden, plus een even grote groep begeleiders. Tenzij je een eigen begeleider meeneemt, betaal je de helft van de reissom voor één van deze vrijwilligers, en jouw eigen vakantie helemaal. Dit is dus wel wat duurder, maar je beleeft wel wat. Ik ben zelf met een vriendin naar Ierland geweest, dit was erg mooi. In acht dagen tijd heb ik veel van Ierland gezien en gehoord. Je krijgt elke dag een andere begeleider, dus leer je ook weer andere mensen kennen. Het was een erg leuke en leerzame vakantie, dus ook een aanrader.

Slot

Dus nu weet je een beetje hoe mensen met een visuele beperking op vakantie kunnen gaan. Natuurlijk zijn er nog andere manieren, maar als ik die allemaal moet opnoemen wordt dit eerder een boek dan een blogpost. Wij kunnen dus best goed op vakantie, net zo goed als goed ziende mensen, met soms wat meer hulp en soms ook niet.

Dit artikel werd geschreven door Alex van der Sleen. Ook gastauteur worden? Klik hier